





Het idee
Leer de volledige constructie einladen zu, inclusief het complement in de Dativ. Het voorzetsel zu hoort bij de constructie; leid de naamval niet af uit het Nederlands. In een ja/nee-vraag staat de persoonsvorm vóór het onderwerp, terwijl het complement zijn naamval behoudt.
| Patroon | Naamval |
|---|---|
| einladen zu | Dativ |
Herstel het complement
Ich lade dich zu einen Spaziergang ein.Ich lade dich zu einem Spaziergang ein.Zu vraagt de datief voor de gelegenheid, terwijl dich de gast in de accusatief is.
Voorbeelden
- Ich lade meine Nachbarn zu einem Frühstück ein.Ik nodig mijn buren uit voor een ontbijt.
- Lade ich meine Nachbarn zu einem Frühstück ein?Nodig ik mijn buren uit voor een ontbijt?
- Die Schule lädt die Familien zu einem offenen Nachmittag ein.De school nodigt gezinnen uit voor een open middag.
- Lädt die Schule die Familien zu einem offenen Nachmittag ein?Nodigt de school gezinnen uit voor een open middag?
- Wir laden unsere Lerngruppe zu einer kleinen Feier ein.Wij nodigen onze studiegroep uit voor een klein feestje.
- Laden wir unsere Lerngruppe zu einer kleinen Feier ein?Nodigen wij onze studiegroep uit voor een klein feestje?
Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.
Er is geen Duitse apparaatstem beschikbaar. Je kunt de tekst lezen en de gelinkte luisterbronnen gebruiken.
Let op
Zu vraagt de datief voor de gelegenheid, terwijl dich de gast in de accusatief is.
Probeer het zelf
einladen ___ — vul het voorzetsel in
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
zu
zu: dit is het vereiste voorzetsel in einladen zu.
Verbeter: Ich lade dich zu einen Spaziergang ein.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
Ich lade dich zu einem Spaziergang ein.
Ich lade dich zu einem Spaziergang ein. Zu vraagt de datief voor de gelegenheid, terwijl dich de gast in de accusatief is.
Maak er een ja/nee-vraag van: Ich lade meine Nachbarn zu einem Frühstück ein.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
Lade ich meine Nachbarn zu einem Frühstück ein?
Lade ich meine Nachbarn zu einem Frühstück ein? De persoonsvorm staat vooraan; het complement behoudt zijn naamval.
Oefenronde
Beantwoord drie vragen en zet daarna drie Duitse zinnen weer in elkaar. We bewaren je score.
einladen ___ — vul het voorzetsel in
Verbeter: Ich lade dich zu einen Spaziergang ein.
Ich lade dich zu einem Spaziergang ein.
Maak er een ja/nee-vraag van: Ich lade meine Nachbarn zu einem Frühstück ein.
Lade ich meine Nachbarn zu einem Frühstück ein?
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Bewaar je voortgang
Maak gratis een account aan om je oefenresultaten op te slaan en verder te gaan met het verhaal in het spel.
Account maken en opslaanIk heb al een accountGebruik het vandaag
Schrijf twee zinnen over je eigen week met einladen zu: een bewering en de bijbehorende ja/nee-vraag. De woordvolgorde verandert, maar het complement blijft in de Dativ; vergelijk beide met “Ich lade dich zu einem Spaziergang ein.”.

