Het idee

Leer de volledige constructie neugierig auf, inclusief het complement in de Akkusativ. Het voorzetsel auf hoort bij de constructie; leid de naamval niet af uit het Nederlands. In een ja/nee-vraag komt het finiete werkwoord vóór het onderwerp te staan, terwijl het complement zijn naamval behoudt.

Patronen vergelijken
PatroonNaamval
neugierig aufAkkusativ

Herstel het complement

  • Ich bin auf dem neuen Kurs neugierig. Ich bin auf den neuen Kurs neugierig.

    Het adjectief legt auf plus accusatief vast; dit is geen plaatsregel.

Voorbeelden

  • Ich bin auf den unbekannten Schluss der Geschichte neugierig.Ik ben nieuwsgierig naar het onbekende einde van het verhaal.
  • Bin ich auf den unbekannten Schluss der Geschichte neugierig?Ben ik nieuwsgierig naar het onbekende einde van het verhaal?
  • Die Klasse ist auf den Besuch im Museum neugierig.De klas is nieuwsgierig naar het museumbezoek.
  • Ist die Klasse auf den Besuch im Museum neugierig?Is de klas nieuwsgierig naar het museumbezoek?
  • Wir sind auf eure neuen Ideen neugierig.Wij zijn nieuwsgierig naar jullie nieuwe ideeën.
  • Sind wir auf eure neuen Ideen neugierig?Zijn wij nieuwsgierig naar jullie nieuwe ideeën?

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Het adjectief legt auf plus accusatief vast; dit is geen plaatsregel.

Probeer het zelf

  1. neugierig ___ — vul het voorzetsel in

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    auf

    auf: dit is het vereiste voorzetsel in neugierig auf.

  2. Verbeter: Ich bin auf dem neuen Kurs neugierig.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ich bin auf den neuen Kurs neugierig.

    Ich bin auf den neuen Kurs neugierig. Het adjectief legt auf plus accusatief vast; dit is geen plaatsregel.

  3. Maak er een ja/nee-vraag van: Ich bin auf den unbekannten Schluss der Geschichte neugierig.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Bin ich auf den unbekannten Schluss der Geschichte neugierig?

    Bin ich auf den unbekannten Schluss der Geschichte neugierig? Het finiete werkwoord staat vooraan; het complement behoudt zijn naamval.

Gebruik het vandaag

Schrijf twee zinnen over je eigen week met neugierig auf: een bewering en de bijbehorende ja/nee-vraag. De woordvolgorde verandert, maar het complement blijft in de Akkusativ; vergelijk beide met "Ich bin auf den neuen Kurs neugierig.".