Het idee

Leer de volledige constructie sich gewöhnen an, inclusief de aanvulling in de accusatief. Het voorzetsel an hoort bij de constructie; leid de naamval niet af uit het Nederlands. In een ja/nee-vraag komt de persoonsvorm vóór het onderwerp, maar de aanvulling behoudt haar naamval.

Patronen vergelijken
PatroonNaamval
sich gewöhnen anAkkusativ

Herstel de aanvulling

  • Ich gewöhne mich an dem Rhythmus. Ich gewöhne mich an den Rhythmus.

    Gewöhnen an legt de accusatief vast, ook al is de aanpassing geen beweging in de ruimte.

Voorbeelden

  • Ich gewöhne mich an den neuen Tagesrhythmus.Ik wen aan het nieuwe dagritme.
  • Gewöhne ich mich an den neuen Tagesrhythmus?Wen ik aan het nieuwe dagritme?
  • Die Katze gewöhnt sich langsam an die fremde Wohnung.De kat went langzaam aan de onbekende woning.
  • Gewöhnt die Katze sich langsam an die fremde Wohnung?Went de kat langzaam aan de onbekende woning?
  • Wir gewöhnen uns an das frühere Aufstehen.Wij wennen aan het vroegere opstaan.
  • Gewöhnen wir uns an das frühere Aufstehen?Wennen wij aan het vroegere opstaan?

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Gewöhnen an legt de accusatief vast, ook al is de aanpassing geen beweging in de ruimte.

Probeer het zelf

  1. sich gewöhnen ___ — vul het voorzetsel in

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    an

    an: dit is het vereiste voorzetsel in sich gewöhnen an.

  2. Verbeter: Ich gewöhne mich an dem Rhythmus.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ich gewöhne mich an den Rhythmus.

    Ich gewöhne mich an den Rhythmus. Gewöhnen an legt de accusatief vast, ook al is de aanpassing geen beweging in de ruimte.

  3. Maak er een ja/nee-vraag van: Ich gewöhne mich an den neuen Tagesrhythmus.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Gewöhne ich mich an den neuen Tagesrhythmus?

    Gewöhne ich mich an den neuen Tagesrhythmus? De persoonsvorm staat vooraan; de aanvulling behoudt haar naamval.

Gebruik het vandaag

Schrijf twee zinnen over je eigen week met sich gewöhnen an: een stellende zin en de bijbehorende ja/nee-vraag. De woordvolgorde verandert, maar de aanvulling blijft in de accusatief; vergelijk beide met “Ich gewöhne mich an den Rhythmus.”.