Het idee

Gebruik der Stuhl voor de nominatief enkelvoud, den Stuhl voor de accusatief, dem Stuhl voor de datief en des Stuhles voor de genitief. In de datief meervoud gebruik je den Stühlen.

Patronen vergelijken
NaamvalEnkelvoudMeervoud
Nominativder Stuhldie Stühle
Akkusativden Stuhldie Stühle
Dativdem Stuhlden Stühlen
Genitivdes Stuhlesder Stühle

Betekenis en handige combinaties

Het meervoud Stühle krijgt een umlaut en een e. Een Sitz is een zitplaats; een Stuhl is het meubelstuk.

Handige combinaties: auf einem Stuhl sitzen; einen Stuhl holen; ein freier Stuhl. Oefen elke combinatie als een volledige woordgroep; het lidwoord hoort bij het zelfstandig naamwoord, ook als er een bijvoeglijk naamwoord tussen staat.

Lidwoordcontrole: nominatief enkelvoud

  • die Stuhl der Stuhl

    Deze controle vraagt om de nominatief enkelvoud: der Stuhl. In de hier geleerde betekenis is Stuhl mannelijk. De nominatief meervoud is die Stühle. Leer beide vormen samen; een Nederlandse vertaling bepaalt het Duitse geslacht niet.

Voorbeelden

  • Der Stuhl am Fenster ist noch frei.De stoel bij het raam is nog vrij.
  • Hol bitte einen Stuhl aus dem Nebenraum.Haal alsjeblieft een stoel uit de kamer ernaast.
  • Auf dem Stuhl liegt meine Strickjacke.Op de stoel ligt mijn vest.
  • Die Lehne des Stuhles ist locker.De leuning van de stoel zit los.
  • Für die Lesung brauchen wir zwanzig Stühle.Voor de lezing hebben we twintig stoelen nodig.
  • Unter den Stühlen liegen bunte Programme.Onder de stoelen liggen kleurrijke programma's.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Neem het geslacht van een vertaald woord niet over in het Duits. Het basisleerpaar is der Stuhl — die Stühle. Het meervoud Stühle krijgt een umlaut en een e. Een Sitz is een zitplaats; een Stuhl is het meubelstuk.

Probeer het zelf

  1. ___ Stuhl (der / die / das)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    der

    der: Stuhl is mannelijk.

  2. Meervoud: der Stuhl → die ___

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Stühle

    Stühle: het meervoud heeft in de nominatief en de accusatief het lidwoord die.

  3. Datief enkelvoud: mit ___ Stuhl (dem / der)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    dem

    dem: mit vraagt de datief, dus mit dem Stuhl.

Gebruik het vandaag

Lees de zes situaties, herken Stuhl en zijn vormen en maak daarna de controles voor lidwoord, meervoud en datief zonder naar de tabel te kijken.