Het idee

Gebruik der Termin voor de nominatief enkelvoud, den Termin voor de accusatief, dem Termin voor de datief en des Termins voor de genitief. Gebruik in de datief meervoud den Terminen.

Patronen vergelijken
NaamvalEnkelvoudMeervoud
Nominativder Termindie Termine
Akkusativden Termindie Termine
Dativdem Terminden Terminen
Genitivdes Terminsder Termine

Betekenis en handige combinaties

Termin is een afgesproken datum of afspraak. Het is niet in elke context een vertaling van het Engelse woord term.

Handige combinaties: einen Termin vereinbaren; einen Termin verschieben; der Gesprächstermin. Oefen elke combinatie als volledige uitdrukking; het lidwoord hoort bij het zelfstandig naamwoord, ook als er een bijvoeglijk naamwoord tussen staat.

Lidwoordcontrole: nominatief enkelvoud

  • die Termin der Termin

    Deze controle vraagt om de nominatief enkelvoud: der Termin. In de hier behandelde betekenis is Termin mannelijk. De nominatief meervoud is die Termine. Leer beide vormen samen; een vertaling bepaalt het Duitse geslacht niet.

Voorbeelden

  • Der Termin passt mir am frühen Nachmittag.De afspraak vroeg in de middag past me goed.
  • Ich verschiebe den Termin auf die nächste Woche.Ik verplaats de afspraak naar volgende week.
  • Bei dem Termin besprechen wir nur die offenen Fragen.Tijdens de afspraak bespreken we alleen de openstaande vragen.
  • Die Dauer des Termins wurde verkürzt.De duur van de afspraak is ingekort.
  • Die freien Termine stehen im Kalender.De vrije afspraken staan in de agenda.
  • Zwischen den Terminen brauche ich Zeit für den Weg.Tussen de afspraken door heb ik reistijd nodig.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Neem het geslacht van een vertaald woord niet over in het Duits. Het basispaar om te leren is der Termin — die Termine. Termin is een afgesproken datum of afspraak. Het is niet in elke context een vertaling van het Engelse woord term.

Probeer het zelf

  1. ___ Termin (der / die / das)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    der

    der: Termin is mannelijk.

  2. Meervoud: der Termin → die ___

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Termine

    Termine: het meervoud heeft in de nominatief en accusatief het lidwoord die.

  3. Datief enkelvoud: mit ___ Termin (dem / der)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    dem

    dem: mit staat met de datief, dus mit dem Termin.

Gebruik het vandaag

Lees de zes situaties, herken Termin en de vormen ervan en maak daarna de controles voor lidwoord, meervoud en datief zonder naar de tabel te kijken.