Het idee

Gebruik Kunde voor een klant die goederen of diensten koopt. Gebruik Gast voor een gast of bezoeker, ook een klant in de horeca. Lees de hele zin voordat je kiest: het object, de situatie, de tijdsaanduiding en de relatie tussen de sprekers kunnen bepalen welke uitdrukking beter past. Waar de betekenissen overlappen, zijn beide soms mogelijk met een andere nadruk. De referentietabel noemt de betekenissen die hier worden onderwezen; andere woordenboekbetekenissen kunnen een andere vertaling vereisen.

Patronen vergelijken
UitdrukkingBetekenis in vergelijking
KundeEin Kunde kauft Waren oder Dienstleistungen.
GastEin Gast wird empfangen oder bewirtet.

Voorbeelden

  • Die Kundin fragt nach einer anderen Größe.De klant vraagt naar een andere maat.
  • Der Gast bittet im Restaurant um die Rechnung.De gast vraagt in het restaurant om de rekening.
  • Unser Kunde hat den Entwurf freigegeben.Onze klant heeft het ontwerp goedgekeurd.
  • Für unsere Gäste stehen frische Handtücher bereit.Voor onze gasten liggen verse handdoeken klaar.
  • Ein zufriedener Kunde empfiehlt die Werkstatt weiter.Een tevreden klant beveelt de garage aan.
  • Heute Abend erwarten wir vier zusätzliche Gäste.Vanavond verwachten we vier extra gasten.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Restaurantgasten kopen ook diensten, maar Gast is de gebruikelijke rol in de horeca.

Probeer het zelf

  1. Welke betekenis heeft „Kunde“ in de eerste voorbeeldzin? Leg het verschil met de betekenis van „Gast“ uit.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ein Kunde kauft Waren oder Dienstleistungen. Ein Gast wird empfangen oder bewirtet.

    Kunde komt overeen met een klant die goederen of diensten koopt; de Duitse definitie geeft de bedoelde betekenis.

  2. Leg de woordkeuze in deze zin uit. Welke betekenis zou met de andere uitdrukking bedoeld zijn? Der Gast bittet im Restaurant um die Rechnung.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Gast: Ein Gast wird empfangen oder bewirtet.

    Der Gast bittet im Restaurant um die Rechnung. gebruikt Gast voor een gast of bezoeker, ook een klant in de horeca. Het antwoord hangt af van deze context, niet alleen van de spelling van het woord.

  3. Schrijf voor elke uitdrukking een eigen zin. Gebruik „Kunde“ en „Gast“ in verschillende situaties.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Mögliche Lösungen: Unser Kunde hat den Entwurf freigegeben. Für unsere Gäste stehen frische Handtücher bereit.

    Het modelpaar houdt de betekenissen gescheiden: Kunde drukt een klant uit die goederen of diensten koopt, terwijl Gast een gast of bezoeker uitdrukt, ook een klant in de horeca. Andere originele zinnen zijn mogelijk als hun context de gekozen betekenis ondersteunt.

Gebruik het vandaag

Beschrijf twee echte situaties uit je dag, met Kunde in de ene en Gast in de andere. Onderstreep het detail dat de gekozen betekenis passend maakt. Als beide uitdrukkingen zouden kunnen passen, leg dan het verschil in nadruk uit in plaats van het alternatief automatisch fout te rekenen.