Het idee

Leer de volledige constructie fähig zu, inclusief het complement in de Dativ. Het voorzetsel zu hoort bij de constructie; leid de naamval niet af uit het Nederlands. In een ja/nee-vraag komt het finiete werkwoord vóór het onderwerp te staan, terwijl het complement zijn naamval behoudt.

Patronen vergelijken
PatroonNaamval
fähig zuDativ

Herstel het complement

  • Sie ist zu einen eigenen Entwurf fähig. Sie ist zu einem eigenen Entwurf fähig.

    Zu neemt de datief, dus gebruik einem eigenen Entwurf.

Voorbeelden

  • Das Team ist zu einer selbstständigen Entscheidung fähig.Het team is in staat tot een zelfstandige beslissing.
  • Ist das Team zu einer selbstständigen Entscheidung fähig?Is het team in staat tot een zelfstandige beslissing?
  • Die Maschine ist zu einem gleichmäßigen Druck fähig.De machine is in staat tot een gelijkmatige afdruk.
  • Ist die Maschine zu einem gleichmäßigen Druck fähig?Is de machine in staat tot een gelijkmatige afdruk?
  • Wir sind zu einer klaren Erklärung fähig.Wij zijn in staat tot een duidelijke uitleg.
  • Sind wir zu einer klaren Erklärung fähig?Zijn wij in staat tot een duidelijke uitleg?

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Zu neemt de datief, dus gebruik einem eigenen Entwurf.

Probeer het zelf

  1. fähig ___ — vul het voorzetsel in

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    zu

    zu: dit is het vereiste voorzetsel in fähig zu.

  2. Verbeter: Sie ist zu einen eigenen Entwurf fähig.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Sie ist zu einem eigenen Entwurf fähig.

    Sie ist zu einem eigenen Entwurf fähig. Zu neemt de datief, dus gebruik einem eigenen Entwurf.

  3. Maak er een ja/nee-vraag van: Das Team ist zu einer selbstständigen Entscheidung fähig.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ist das Team zu einer selbstständigen Entscheidung fähig?

    Ist das Team zu einer selbstständigen Entscheidung fähig? Het finiete werkwoord staat vooraan; het complement behoudt zijn naamval.

Gebruik het vandaag

Schrijf twee zinnen over je eigen week met fähig zu: een bewering en de bijbehorende ja/nee-vraag. De woordvolgorde verandert, maar het complement blijft in de Dativ; vergelijk beide met "Sie ist zu einem eigenen Entwurf fähig.".