Kommen beschrijft aankomst, beweging naar een referentiepunt en herkomst met aus.

Het idee

De verleden vormen zijn kam en ist gekommen. Scheidbare samenstellingen hebben eigen patronen, zoals vorbeikommen of Es kommt darauf an.

Patronen vergelijken
Form / MusterBeispiel / Gegensatz
Präsensich komme / du kommst / er kommt
Präteritumkam
Perfektist gekommen
Herkunftaus Bonn kommen

Voorbeelden

  • Der nächste Bus kommt in zehn Minuten.
  • Kommst du aus Hamburg?
  • Wir kommen morgen vorbei.
  • Sie ist gestern spät gekommen.
  • Komm bitte näher!
  • Es kommt auf das Wetter an.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Let op dit onderscheid: Gebruik de bevelvorm voor de genoemde aanspreekvorm; formeel Sie blijft na het werkwoord.

Probeer het zelf

  1. Woher ___ du? (kommst / kommt)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kommst

    Antwoord: “kommst”. De tegenwoordige uitgang past bij persoon en getal van het onderwerp.

  2. Sie ist spät ___.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gekommen

    Antwoord: “gekommen”. Het hulpwerkwoord draagt tijd en persoon; het laatste werkwoord krijgt het voltooid deelwoord.

  3. ___ bitte herein! (kommen, kurze du-Form des Imperativs)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Komm

    Antwoord: “Komm”. Gebruik de bevelvorm voor de genoemde aanspreekvorm; formeel Sie blijft na het werkwoord.

Gebruik het vandaag

Herschrijf “Der nächste Bus kommt in zehn Minuten.” met du en wir. Controleer iedere werkwoorduitgang en de veranderende voornaamwoorden.