Lees het hele verhaal om de situatie te begrijpen. Zoek bij de tweede lezing het keerpunt. De voorbeelden herhalen bruikbare formuleringen uit de tekst. Beantwoord de vragen voordat je de uitleg opent.

Het idee

Scheid Toms oorspronkelijke bezoekdoel van zijn onverwachte ontmoeting met de hond.

Lees de tekst

Am Bahnhof wartet Tom auf seine Schwester. Ihr Zug kommt um zwölf Uhr. Neben einer Bank sitzt ein kleiner brauner Hund. Er trägt ein blaues Halsband. Eine Frau geht vorbei, aber der Hund bleibt sitzen. Tom schaut auf das Halsband. Dort steht eine Telefonnummer.

Tom ruft an. Ein Mann antwortet: „Ja, ich suche meinen Hund Bruno!“ Der Mann ist am anderen Eingang des Bahnhofs. Er kommt sofort. Tom bleibt bei der Bank und spricht ruhig mit dem Hund. Er gibt ihm nichts zu essen.

Nach fünf Minuten kommt der Mann. Bruno steht auf und läuft zu ihm. Der Mann bedankt sich bei Tom. Genau jetzt kommt auch Toms Schwester aus dem Bahnhof. „Wartest du schon lange?“, fragt sie. Tom lächelt: „Nein. Ich habe hier jemanden kennengelernt.“ Seine Schwester schaut zum Hund. Bruno wedelt mit dem Schwanz. Dann gehen alle zusammen bis zur Ampel.

Voorbeelden

  • Tom wartet auf seine Schwester.
  • Der Hund hat ein blaues Halsband.
  • Auf dem Halsband steht eine Telefonnummer.
  • Der Mann ist am anderen Eingang.
  • Tom wartet bei der Bank.
  • Bruno läuft zu seinem Besitzer.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Antwoord niet op basis van één bekend woord. Controleer wie handelt, wat verandert en of de informatie bij het begin of einde hoort. Onderbouw je antwoord met de Duitse tekst.

Probeer het zelf

  1. Wie heißt der Hund?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Bruno.

    De eigenaar noemt de hond tijdens het telefoongesprek Bruno.

  2. Wie erreicht Tom den Besitzer?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Er ruft die Nummer auf dem Halsband an.

    Tom belt het telefoonnummer dat op de halsband staat.

  3. Wen erwartet Tom ursprünglich am Bahnhof?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Seine Schwester.

    Hij wachtte oorspronkelijk op de trein van zijn zus.

Gebruik het vandaag

Vertel het verhaal in drie tot vijf Duitse zinnen na: beginsituatie, probleem en uitkomst. Gebruik twee uitdrukkingen uit de voorbeelden en verzin een aannemelijke zin over de volgende dag.