Man verwijst naar mensen in het algemeen of een onbepaalde persoon.

Het idee

Het werkwoord staat altijd in de derde persoon enkelvoud. Gebruik einen in accusatief en einem in datief voor dezelfde algemene betekenis. Verwar man niet met Mann.

Patronen vergelijken
Form / MusterBeispiel / Gegensatz
Nominativman
Verb3. Person Singular
Akkusativeinen
Dativeinem
nicht dasselbeman ≠ der Mann

Voorbeelden

  • Hier spricht man Deutsch.
  • Man darf hier nicht rauchen.
  • Wie bezahlt man hier?
  • Im Winter braucht man eine Jacke.
  • Das kann einem passieren.
  • Der Lärm macht einen müde.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Man is onderwerp bij de derde persoon enkelvoud. Als object gebruik je einen of einem: Das hilft einem.

Probeer het zelf

  1. Hier ___ man mit Karte. (bezahlt / bezahlen)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bezahlt

    Antwoord: “bezahlt”. Het werkwoord volgt het grammaticale onderwerp, niet een object of datieve persoon.

  2. Man ___ hier warten. (muss / müssen)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    muss

    Antwoord: “muss”. Het werkwoord volgt het grammaticale onderwerp, niet een object of datieve persoon.

  3. So etwas kann ___ passieren. (man / einem)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    einem

    Antwoord: “einem”. Deze aanvulling is datief; lidwoord, voornaamwoord of bijvoeglijk naamwoord moeten passen.

Gebruik het vandaag

Schrijf een gesprek van twee regels rond “Hier spricht man Deutsch.”. Gebruik de doeluitdrukking in je antwoord en maak de betekenis duidelijk.