Je kunt een vraag stellen, beantwoorden of aan iemand toeschrijven. Volg soru in een gesprek en kies de vorm die past bij de rol van het woord in de zin.

Het idee

Soru sormak betekent een vraag stellen. Vergelijk bij een bepaalde vraag soruyu cevaplamak en soruya cevap vermek: beide betekenen de vraag beantwoorden, maar ze gebruiken een andere naamval. De laatste u van de stam blijft staan: soruyu, soruya, sorunun. Bezitsvormen zijn onder meer sorum (mijn vraag) en sorusu (zijn/haar vraag). Die laatste vorm wordt sorusuna wanneer het antwoord op die vraag gericht is. De tabel zet enkelvoud en meervoud naast elkaar; de verwante lessen leggen de achtervoegsels uit.

Patronen vergelijken
GebruikEén vraagMeerdere vragen
Basisvormsorusorular
Bepaald lijdend voorwerpsoruyusoruları
Datief: naarsoruyasorulara
Locatief: insorudasorularda
Ablatief: uit, vansorudansorulardan
Genitief: vansorununsoruların
Metsoruylasorularla
Mijnsorumsorularım
Jouwsorunsoruların
Zijn/haarsorususoruları
Ons/onzesorumuzsorularımız
Jullie/uwsorunuzsorularınız
Hun (met genoemde bezitter)onların sorusuonların soruları

Voorbeelden

  • Bu soruyu birlikte cevaplayalım.Laten we deze vraag samen beantwoorden.
  • Bu soruya yarın cevap vereceğiz.We zullen deze vraag morgen beantwoorden.
  • Sorularımızı toplantıdan önce yazalım.Laten we onze vragen vóór de bijeenkomst opschrijven.
  • Kısa bir sorum var.Ik heb een korte vraag.
  • Senin sorun hangi konuyla ilgili?Over welk onderwerp gaat jouw vraag?
  • Onun sorusuna henüz cevap gelmedi.Er is nog geen antwoord op zijn/haar vraag gekomen.
  • Bu soruda iki yeni kelime var.In deze vraag staan twee nieuwe woorden.
  • Üç sorudan birini seçelim.Laten we een van de drie vragen kiezen.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Senin sorun betekent jouw vraag, maar het losse zelfstandig naamwoord sorun betekent probleem. Let op de context: Bir sorum var kondigt een vraag aan, terwijl Bir sorunum var een probleem meldt. Voeg bij sorum geen extra u toe.

Probeer het zelf

  1. Vul de juiste vorm van soru in: Bu ___ birlikte cevaplayalım. (Laten we deze vraag samen beantwoorden.)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    soruyu

    soruyu: Het gaat om de bepaalde vraag die het lijdend voorwerp van cevaplayalım is. De y verbindt de twee klinkers.

  2. Vul de juiste vorm van soru in: Bu ___ yarın cevap vereceğiz. (We zullen deze vraag morgen beantwoorden.)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    soruya

    soruya: De vraag is datgene waarop het antwoord gericht is. Bij cevap vereceğiz is daarom hier de datief nodig.

  3. Schrijf “onze vragen” als één woord met soru.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    sorularımız

    sorularımız: Meerdere vragen zijn van ons. Voeg -ımız toe aan het meervoud sorular; de laatste klinker is nu a, dus volgt ı en geen u.

  4. Vul de juiste vorm van soru in: Onun ___ henüz cevap gelmedi. (Er is nog geen antwoord op zijn/haar vraag gekomen.)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    sorusuna

    sorusuna: onun geeft aan van wie de vraag is. Behoud de bezitsvorm sorusu en voeg -na toe om de vraag aan te duiden waarop geantwoord wordt.

Gebruik het vandaag

Bereid drie vragen voor een gesprek voor. Schrijf daarna dat je een vraag hebt, dat de groep een bepaalde vraag zal beantwoorden en dat er een antwoord op de vraag van iemand anders is gekomen.