Nehmen betekent nemen of kiezen; bringen verplaatst iets naar ontvanger of bestemming.

Het idee

Leer du nimmst, er nimmt, hat genommen en hat gebracht. Bringen kan een datieve ontvanger met accusatieve zaak combineren: mir das Buch bringen.

Patronen vergelijken
Form / MusterBeispiel / Gegensatz
nehmenich nehme / du nimmst / er nimmt
bringenich bringe / du bringst
Perfekthat genommen / hat gebracht

Voorbeelden

  • Ich nehme den blauen Stift.
  • Nimm bitte einen Teller!
  • Sie bringt uns frisches Brot.
  • Wir nehmen den Bus zum Markt.
  • Bringst du mir ein Glas Wasser?
  • Er hat seinen Pass mitgenommen.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

In Perfekt wordt het hulpwerkwoord vervoegd en staat het hoofdwerkwoord in Partizip II: hat genommen; hat gebracht. Gebruik hier geen infinitief in plaats van het deelwoord.

Probeer het zelf

  1. Du ___ den roten Bus. (nehmen)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    nimmst

    Antwoord: “nimmst”. Controleer het onderwerp: de stam wisselt bij du en er/sie/es, doorgaans niet in meervoud.

  2. Kannst du mir Wasser ___? (bringen / nehmen)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bringen

    Antwoord: “bringen”. Bringen benadrukt vervoer naar ontvanger of bestemming.

  3. Sie hat einen Kuchen ___. (bringen)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gebracht

    Antwoord: “gebracht”. Het hulpwerkwoord draagt tijd en persoon; het laatste werkwoord krijgt het voltooid deelwoord.

Gebruik het vandaag

Schrijf een gesprek van twee regels rond “Ich nehme den blauen Stift.”. Gebruik de doeluitdrukking in je antwoord en maak de betekenis duidelijk.