誰 vraagt naar een persoon, 何 naar een ding, どこ naar een plaats, いつ naar tijd, なぜ naar een reden en どうやって naar een manier. Het verwachte antwoord helpt bij de keuze. Vergelijk de voorbeelden en maak met de tabel je eigen zinnen.

Het idee

誰 vraagt naar een persoon, 何 naar een ding, どこ naar een plaats, いつ naar tijd, なぜ naar een reden en どうやって naar een manier. Het verwachte antwoord helpt bij de keuze. Het vraagwoord blijft meestal op de plaats van de ontbrekende informatie: 誰が来ますか vraagt wie komt en 何を飲みますか wat iemand drinkt. Beleefde vragen eindigen vaak op か.

Patronen vergelijken
BeginvormVorm of voorbeeld
誰だれが誰だれが来きますか
何なにを何なにを飲のみますか
どこにどこに行いきますか
いついつ行いきますか
なぜなぜ勉強べんきょうしますか
どうやってどうやって行いきますか

Voorbeelden

  • 朝あさごはんに何なにを食たべますか。Wat eet je als ontbijt?
  • 誰だれが明日あしたここに来きますか。Wie komt hier morgen?
  • 駅えきはいったいどこですか。Waar is het station toch?
  • いつ日本にほんへ行いきますか。Wanneer ga je naar Japan?
  • なぜ日本語にほんごを勉強べんきょうしますか。Waarom leer je Japans?
  • 図書館としょかんへどうやって行いきますか。Hoe kom je bij de bibliotheek?

Voorlezen gebruikt een synthetische Japanse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Behoud het partikel dat bij de functie hoort: どこに vraagt naar een bestemming, どこで naar de plaats van een handeling. 何 lees je als なに voor を en als なん voor です.

Probeer het zelf

  1. Kies de vorm die de zin aanvult. __に行いきますか。――学校がっこうに行いきます。(どこ/いつ)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    どこ

    どこ — 誰 vraagt naar een persoon, 何 naar een ding, どこ naar een plaats, いつ naar tijd, なぜ naar een reden en どうやって naar een manier. Het verwachte antwoord helpt bij de keuze.

  2. Kies de vorm die de zin aanvult. __が来きますか。――友達ともだちが来きます。(誰だれ/何なに)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    誰

    誰 — 誰 vraagt naar een persoon, 何 naar een ding, どこ naar een plaats, いつ naar tijd, なぜ naar een reden en どうやって naar een manier. Het verwachte antwoord helpt bij de keuze.

  3. Kies de vorm die de zin aanvult. __を飲のみますか。――お茶ちゃを飲のみます。(何なに/いつ)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    何

    何 — 誰 vraagt naar een persoon, 何 naar een ding, どこ naar een plaats, いつ naar tijd, なぜ naar een reden en どうやって naar een manier. Het verwachte antwoord helpt bij de keuze.

Gebruik het vandaag

Dek de voorbeelden af. Maak twee zinnen met dit patroon en controleer ze met de tabel.