Het idee

“Es sich anders überlegen” heeft zowel es als een wederkerende datief nodig: ich habe es mir, du hast es dir, Sie haben es sich anders überlegt. “Mit + datief” noemt het plan. “Sich umentscheiden” is een korter synoniem. “Doch” beantwoordt een ontkennende vraag met een tegenspraak: Möchtest du nicht mitkommen? – Doch! (Jawel, dat wil ik.)

Andere manieren om het te zeggen

“Ich habe mich umentschieden.” – Neutraal en kort; gebruikelijk in spreektaal.

“Ich habe meine Meinung geändert.” – Neutraal; past beter bij meningen dan bij praktische plannen.

“Ach, ich nehme doch lieber die längere Strecke.” – Informeel; “doch lieber” geeft een voorkeurswijziging aan.

Voorbeelden

  • Ich habe es mir mit dem Ausflug anders überlegt.Ik ben van gedachten veranderd over de uitstap.
  • Möchtest du doch nicht mitkommen?Wil je dan toch niet meekomen?
  • Doch, ich möchte jetzt die längere Strecke wählen.Juist wel, ik wil nu de langere route kiezen.
  • Dann betrifft die Änderung nur die Variante.Dan betreft de wijziging alleen de variant.
  • Genau, meine Teilnahme bleibt fest.Precies; mijn deelname staat vast.
  • Gut, ich passe nur die Streckenauswahl an.Goed; ik pas alleen de routekeuze aan.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

“Ich habe mich mit dem Ausflug anders überlegt.” → “Ich habe es mir mit dem Ausflug anders überlegt.”: De vaste uitdrukking is “es sich anders überlegen”, met es als object en een wederkerende datief. “Mich” behandelt überlegen ten onrechte als een werkwoord met een wederkerende accusatief.

Probeer het zelf

  1. Vertaal in het Duits: Ik ben van gedachten veranderd over de uitstap.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ich habe es mir mit dem Ausflug anders überlegt.

    De voltooide tijd “habe … überlegt” vormt het kader van de zin. “Es mir” staat direct na het werkwoord, “mit dem Ausflug” is datief, en “anders” staat vóór het voltooid deelwoord.

  2. Zet de woorden in de juiste volgorde: die / Doch / ich / jetzt / längere / möchte / Strecke / wählen

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Doch, ich möchte jetzt die längere Strecke wählen.

    “Doch” spreekt de ontkennende vraag “Möchtest du doch nicht mitkommen?” tegen: jawel, ik kom mee. “Jetzt” markeert de verandering, en “wählen” staat aan het eind na “möchte”.

  3. Schrijf deze zin in het Duits: Goed; ik pas alleen de routekeuze aan.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Gut, ich passe nur die Streckenauswahl an.

    “Anpassen” is scheidbaar: “passe … an”. “Nur” beperkt de verandering tot de route, wat bevestigt dat de deelname blijft.

Gebruik het vandaag

Je hebt vrienden gezegd dat je pizza bestelt voor de filmavond, maar nu wil je koken. Zeg dat je van gedachten bent veranderd en wat hetzelfde blijft.