Het idee

Gebruik sein plus een beroepsnaam in de nominatief. Een toegevoegd beschrijvend bijvoeglijk naamwoord of een bijzondere classificatie kan een lidwoord met zich meebrengen, dus het patroon zonder lidwoord geldt niet altijd.

Eén contrast, geen voorspelling voor elke leerder

Poolse beroepsbeschrijvingen met być gebruiken gewoonlijk zelfstandige naamwoorden in de instrumentalis. Duitse beroepsnaamwoorden na sein staan normaal in de nominatief en hebben vaak geen lidwoord wanneer iemands beroep wordt genoemd.

Persoonlijke ervaring, dialect en andere talen die je kent kunnen beïnvloeden welke vergelijkingen helpen. Gebruik het contrast om een Duitse keuze op te merken; zie het niet als een etiket voor een hele groep mensen.

Herstel de overdracht

  • Er ist einem Lehrer. Er ist Lehrer.

    Gebruik sein plus een beroepsnaam in de nominatief. Een toegevoegd beschrijvend bijvoeglijk naamwoord of een bijzondere classificatie kan een lidwoord met zich meebrengen, dus het patroon zonder lidwoord geldt niet altijd.

Voorbeelden

  • Mein Nachbar ist Lehrer an einer kleinen Schule.Mijn buurman is leraar op een kleine school.
  • Nora ist Ärztin in einer Gemeinschaftspraxis.Nora is arts in een groepspraktijk.
  • Der neue Teilnehmer ist Koch von Beruf.De nieuwe deelnemer is kok van beroep.
  • Meine Schwester ist eine erfahrene Architektin.Mijn zus is een ervaren architecte.
  • Tom ist Elektriker und arbeitet oft unterwegs.Tom is elektricien en werkt vaak onderweg.
  • Die Gastgeberin ist Musikerin im örtlichen Orchester.De gastvrouw is musicus in het plaatselijke orkest.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Generaliseer een patroon uit je brontaal niet naar elke Duitse zin. Gebruik sein plus een beroepsnaam in de nominatief. Een toegevoegd beschrijvend bijvoeglijk naamwoord of een bijzondere classificatie kan een lidwoord met zich meebrengen, dus het patroon zonder lidwoord geldt niet altijd.

Probeer het zelf

  1. Corrigeer: Er ist einem Lehrer.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Er ist Lehrer.

    Er ist Lehrer. Gebruik sein plus een beroepsnaam in de nominatief. Een toegevoegd beschrijvend bijvoeglijk naamwoord of een bijzondere classificatie kan een lidwoord met zich meebrengen, dus het patroon zonder lidwoord geldt niet altijd.

  2. Vertaal naar het Duits: Mijn buurman is leraar op een kleine school.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Mein Nachbar ist Lehrer an einer kleinen Schule.

    Mein Nachbar ist Lehrer an einer kleinen Schule. Gebruik sein plus een beroepsnaam in de nominatief. Een toegevoegd beschrijvend bijvoeglijk naamwoord of een bijzondere classificatie kan een lidwoord met zich meebrengen, dus het patroon zonder lidwoord geldt niet altijd.

  3. Vertaal naar het Duits: Tom is elektricien en werkt vaak onderweg.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Tom ist Elektriker und arbeitet oft unterwegs.

    Tom ist Elektriker und arbeitet oft unterwegs. Behoud de betekenis van de hele zin terwijl je het Duitse patroon gebruikt.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie eigen Duitse zinnen die het patroon van “Er ist Lehrer.” volgen. Controleer elke zin op de Poolse gewoonte die deze les corrigeert en lees ze daarna hardop voor.