Bleiben beschrijft voortgezet verblijf of een aanhoudende toestand.

Het idee

Ook zonder verplaatsing is het Perfekt ist geblieben. Leer blieb, zu Hause bleiben, offen bleiben. De locatie zu Hause verschilt van de bestemming nach Hause.

Patronen vergelijken
Form / MusterBeispiel / Gegensatz
Präsensich bleibe / du bleibst / er bleibt
Präteritumblieb
Perfektist geblieben
Ort / Zustandhier bleiben / ruhig bleiben

Voorbeelden

  • Ich bleibe heute zu Hause.
  • Bleibst du noch eine Stunde?
  • Wir bleiben bis Sonntag in Wien.
  • Die Tür bleibt offen.
  • Sie ist den ganzen Tag im Bett geblieben.
  • Bitte bleiben Sie ruhig.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Let op dit onderscheid: De tegenwoordige uitgang past bij persoon en getal van het onderwerp.

Probeer het zelf

  1. Ich bleibe ___ Hause. (zu / nach)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    zu

    Antwoord: “zu”. Dit beschrijft een bestaande locatie, geen overgang naar een nieuwe positie.

  2. Wir sind in Berlin ___.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    geblieben

    Antwoord: “geblieben”. Het hulpwerkwoord draagt tijd en persoon; het laatste werkwoord krijgt het voltooid deelwoord.

  3. Die Fenster ___ geschlossen. (bleiben / bleibt)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bleiben

    Antwoord: “bleiben”. De tegenwoordige uitgang past bij persoon en getal van het onderwerp.

Gebruik het vandaag

Herschrijf “Ich bleibe heute zu Hause.” met du en wir. Controleer iedere werkwoorduitgang en de veranderende voornaamwoorden.