Het idee

Ander- + als vergelijkt twee verschillende dingen: eine andere Uhrzeit als …. Nennen (noemen, vermelden) werkt met documenten als onderwerp. Tijden kunnen tot het uur worden ingekort: neun, zehn. Gültig betekent geldig; die gültige Uhrzeit is de tijd die telt. Bestätigen neemt een datief voor de persoon en een accusatief voor de informatie: mir die Uhrzeit bestätigen. Aktuell betekent huidig, niet “actueel” in de zin van werkelijk.

Andere manieren om het te zeggen

“Ich habe zwei verschiedene Uhrzeiten für meinen Termin.” – Eenvoudige, neutrale opening van het gesprek.

“Bleibt es bei neun Uhr, oder wurde der Termin verschoben?” – Directe controle; bei etwas bleiben betekent dat het blijft zoals gepland.

Voorbeelden

  • Die Erinnerung nennt eine andere Uhrzeit als meine Karte.De herinnering noemt een andere tijd dan mijn kaart.
  • Welche beiden Uhrzeiten stehen dort?Welke twee tijden staan daar?
  • Auf der Karte neun, in der Nachricht zehn.Op de kaart negen, in het bericht tien.
  • Ich prüfe, welcher Eintrag aktuell ist.Ik controleer welke invoer actueel is.
  • Bitte bestätigen Sie mir die gültige Uhrzeit schriftlich.Bevestig me alstublieft schriftelijk de geldige tijd.
  • Ich schicke Ihnen die bestätigte Angabe.Ik stuur u de bevestigde gegevens.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

“Die Erinnerung nennt eine andere Uhrzeit wie meine Karte.” → “Die Erinnerung nennt eine andere Uhrzeit als meine Karte.”: Na anders of ander- gebruikt het Duits als voor een vergelijking, net als na de vergrotende trap. Wie is voor gelijkheid (so … wie) en klinkt hier in standaardduits fout.

Probeer het zelf

  1. Vertaal naar het Duits: De herinnering noemt een andere tijd dan mijn kaart.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Die Erinnerung nennt eine andere Uhrzeit als meine Karte.

    “Die Erinnerung” is het onderwerp van nennen; “eine andere Uhrzeit als meine Karte” vergelijkt de twee bronnen met als.

  2. Zet de woorden in de juiste volgorde: Auf / der / der / in / Karte / Nachricht / neun / zehn

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Auf der Karte neun, in der Nachricht zehn.

    “Ich prüfe” plus een indirecte vraag met welcher; het werkwoord “ist” gaat naar het einde van de bijzin.

  3. Schrijf deze zin in het Duits: Ik stuur u de bevestigde gegevens.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ich schicke Ihnen die bestätigte Angabe.

    Datief “Ihnen” voor de persoon, accusatief “die bestätigte Angabe” voor de informatie; schicken werkt als geben.

Gebruik het vandaag

Schrijf een kort bericht aan een praktijk of kantoor waarin je wijst op twee verschillende tijden voor één afspraak en vraagt welke geldig is.