Het idee

Tijdsrelaties: vor der Übergabe (voor), nach der Übergabe (na), beide met de datief. “Im Anschluss an” plus accusatief betekent “direct na”: im Anschluss an die Übergabe. Vorher en danach zijn bijwoorden die zonder zelfstandig naamwoord kunnen staan. Het werkwoord folgen neemt een meewerkend voorwerp in de datief: dem Ablauf folgen. In veel zorgteams is de overdracht (Übergabe) tussen diensten een vaste routine en daarom een natuurlijk referentiepunt voor andere afspraken.

Andere manieren om het te zeggen

“Ist die Schulung direkt nach der Übergabe?” – Eenvoudig en neutraal; gebruikt sein in plaats van beginnen.

“Wann genau fängt die Schulung an?” – Open vraag; anfangen is het alledaagse woord voor beginnen.

“Wo findet die Schulung statt, im Schulungsraum?” – Controleert de ruimte met een snelle bevestiging aan het eind.

Voorbeelden

  • Beginnt die Schulung vor oder nach der Übergabe?Begint de training voor of na de overdracht?
  • Sie ist im Anschluss an die Übergabe geplant.Ze is gepland direct na de overdracht.
  • Müssen wir vorher den Raum wechseln?Moeten we eerst van ruimte wisselen?
  • Ja, sie findet im Schulungsraum statt.Ja, ze vindt plaats in de trainingsruimte.
  • Ich notiere Reihenfolge, Ort und Beginn.Ik noteer de volgorde, de plaats en het begin.
  • Dann können neue Kollegen dem Ablauf folgen.Dan kunnen nieuwe collega's het verloop volgen.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

“Dann können neue Kollegen den Ablauf folgen.” → “Dann können neue Kollegen dem Ablauf folgen.”: Folgen is een van de gangbare werkwoorden met een datief, zoals helfen en danken. Het Nederlandse “het verloop volgen” heeft een lijdend voorwerp, daarom gebruiken leerders de accusatief den.

Probeer het zelf

  1. Vertaal naar het Duits: Begint de training voor of na de overdracht?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Beginnt die Schulung vor oder nach der Übergabe?

    Een ja/nee-vraag met “Beginnt” vooraan. “Vor oder nach der Übergabe” deelt één zelfstandig naamwoord in de datief tussen beide voorzetsels.

  2. Zet de woorden in de juiste volgorde: den / Müssen / Raum / vorher / wechseln / wir

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Müssen wir vorher den Raum wechseln?

    Het modale werkwoord “Müssen” opent de vraag, de infinitief “wechseln” sluit af. “Vorher” is een bijwoord met de betekenis voor de training en “den Raum” is accusatief.

  3. Schrijf deze zin in het Duits: Dan kunnen nieuwe collega's het verloop volgen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Dann können neue Kollegen dem Ablauf folgen.

    “Dann” opent, het modale werkwoord “können” volgt en de infinitief “folgen” sluit de zin af. Folgen neemt de datief, dus het is “dem Ablauf”.

Gebruik het vandaag

Er is een hygiënetraining aangekondigd voor donderdag, maar zonder tijdstip. Vraag je teamleider of die voor of na de overdracht plaatsvindt en in welke ruimte.