Het idee

Die Einweisung is de formele instructie over apparatuur of veiligheid; die Einführung is een bredere kennismaking. “Eine Einweisung erhalten” betekent dat je er een krijgt. Het object kan de zin openen om nadruk te leggen: “Dieses Gerät kenne ich …”, waarbij het werkwoord op de tweede plaats blijft staan. “Noch nicht” betekent nog niet. “Erst nach” en “erst wenn” drukken uit dat iets pas gebeurt na een voorwaarde. Veel werkgevers leggen veiligheidsinstructies vast, dus vragen wordt verwacht en is niet vreemd.

Andere manieren om het te zeggen

“Mit dieser Maschine habe ich noch nie gearbeitet.” – Neutraal; benadrukt dat je geen ervaring hebt.

“Wer kann mir das Gerät zeigen?” – Eenvoudig en direct; vraagt om een persoon.

“Ich möchte das Gerät erst nach einer Einweisung benutzen.” – Een duidelijke en beleefde uitspraak over je voorwaarde.

Voorbeelden

  • Dieses Gerät kenne ich noch nicht.Ik ken dit apparaat nog niet.
  • Haben Sie bereits eine Einweisung erhalten?Hebt u al een instructie gekregen?
  • Nein, ich brauche zuerst die vorgesehene Einführung.Nee, ik heb eerst de voorgeschreven inwerkinstructie nodig.
  • Dann klären wir die zuständige Person dafür.Dan zoeken we uit wie daarvoor verantwoordelijk is.
  • Ich beginne erst nach dieser Klärung.Ik begin pas nadat dit is opgehelderd.
  • Gut, stellen Sie dabei alle offenen Verständnisfragen.Goed, stel daarbij alle openstaande begripsvragen.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

“Ich weiß dieses Gerät noch nicht.” → “Ich kenne dieses Gerät noch nicht.”: Kennen betekent bekend zijn met een ding of persoon; wissen betekent een feit weten. Bij een apparaat is kennen het juiste werkwoord. Het Nederlandse “kennen” en “weten” liggen hier net zo uit elkaar, maar in het Engels dekt “know” beide.

Probeer het zelf

  1. Vertaal naar het Duits: Ik ken dit apparaat nog niet.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Dieses Gerät kenne ich noch nicht.

    Het object “Dieses Gerät” staat voorop voor de nadruk, dus “kenne” staat op de tweede plaats en “ich” op de derde. “Noch nicht” zegt dat de bekendheid er nog moet komen.

  2. Zet de woorden in de juiste volgorde: brauche / die / Einführung / ich / Nein / vorgesehene / zuerst

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Nein, ich brauche zuerst die vorgesehene Einführung.

    “Nein” beantwoordt de vraag; de bijzin volgt in de normale woordvolgorde. “Zuerst” bepaalt de volgorde, en “die vorgesehene Einführung” is de geplande inwerkperiode.

  3. Schrijf deze zin in het Duits: Goed, stel daarbij alle openstaande begripsvragen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Gut, stellen Sie dabei alle offenen Verständnisfragen.

    Een imperatief met Sie: “stellen Sie”. “Dabei” betekent tijdens de instructie, en “alle offenen Verständnisfragen” is accusatief meervoud na alle.

Gebruik het vandaag

Je wordt op je eerste dag gevraagd de palletwagen in het magazijn te gebruiken. Zeg tegen je leidinggevende dat je er nog nooit een hebt gebruikt en vraag wie de instructie geeft en wanneer.