Vergelijk erfahren en erleben: nieuws vernemen of iets meemaken, met vertaalde voorbeelden en verleden tijden.

Het idee

Erfahren gaat vaak over nieuwe informatie: erfahren, dass ... . Erleben beschrijft iets wat je zelf meemaakt: ein Abenteuer erleben. Beide krijgen haben in het Perfekt: erfahren, erlebt.

Patronen vergelijken
Patroon / vormDuits voorbeeld
erfahrendu erfährst / er erfuhr / hat erfahren
erlebendu erlebst / er erlebte / hat erlebt
erfahren, dass ...von einer Freundin erfahren, dass ...
etwas erlebeneinen Sturm erleben

Lees de hele constructie

Een e-mail meldt dat een concert niet doorgaat: Ich habe von der Absage erfahren. Zelf een storm meemaken is anders: Ich habe den Sturm erlebt. Leer von jemandem erfahren en erfahren, dass ... voor informatie, naast etwas erleben voor gebeurtenissen. De grens is niet absoluut: Hilfe erfahren betekent hulp ontvangen, wat ook een ervaring is.

Voorbeelden

  • Ich habe die Nachricht gestern erfahren.Ik heb het nieuws gisteren vernomen.
  • Wir haben einen aufregenden Abend erlebt.We hebben een spannende avond meegemaakt.
  • Wie hast du davon erfahren?Hoe ben je dat te weten gekomen?
  • Ich habe erfahren, dass der Kurs voll ist.Ik heb vernomen dat de cursus vol is.
  • Die Kinder haben ihren ersten Schnee erlebt.De kinderen hebben hun eerste sneeuw meegemaakt.
  • Du erfährst das Ergebnis morgen.Je hoort morgen de uitslag.

Voorlezen gebruikt een synthetische Duitse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Verwar erfahren niet met reizen met fahren: het Perfekt krijgt haben, niet sein.

Probeer het zelf

  1. Von der Absage habe ich per E-Mail ___. (erfahren / erlebt)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    erfahren

    erfahren — De e-mail geeft informatie; von etwas erfahren past in deze constructie.

  2. Du ___ das Ergebnis morgen. (erfahren)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    erfährst

    erfährst — Bij du en er/sie/es verandert de stamklinker in ä.

  3. Wir haben den Sturm selbst ___. (erleben)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    erlebt

    erlebt — Het hulpwerkwoord staat er al; gebruik het voltooid deelwoord uit de tabel.

  4. Ich habe ___ meiner Schwester davon erfahren. (von / an)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    von

    von — Von noemt de bron van de informatie.

Gebruik het vandaag

Schrijf twee samenhangende zinnen over je eigen situatie met deze patronen: Ich habe erfahren, dass ... / Ich habe ... erlebt.