In het Nederlands staat een voorzetsel vaak vóór een zelfstandig naamwoord; Japanse partikels staan erachter en geven de functie aan.

Het idee

In Ik lees een boek in de bibliotheek staat in vóór de plaats. In 図書館で staat で erachter en markeert het de plaats van een handeling. に kan een bestemming of een plaats van aanwezigheid aangeven; を markeert een voorwerp, は een gespreksonderwerp en が een onderwerp. De keuze hangt af van het werkwoord en de betekenis, niet van één vaste Nederlandse vertaling.

Voorbeelden

  • 図書館としょかんで本ほんを読よみます。Ik lees een boek in de bibliotheek.
  • 図書館としょかんに行いきます。Ik ga naar de bibliotheek.
  • 公園こうえんに猫ねこがいます。Er is een kat in het park.
  • 友達ともだちは日本語にほんごを勉強べんきょうします。Mijn vriend leert Japans.
  • 誰だれが来きますか。Wie komt er?
  • 駅えきで先生せんせいに会あいます。Ik ontmoet mijn docent op het station.

Voorlezen gebruikt een synthetische Japanse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Vertaal in niet automatisch met で: bij います krijgt de plaats に. は introduceert een gespreksonderwerp; が markeert het onderwerp, ook bij de vraag 誰が.

Probeer het zelf

  1. 図書館としょかん_本ほんを読よみます。(で/に)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    で

    で geeft de bibliotheek aan als plaats van het lezen.

  2. 公園こうえん_猫ねこがいます。(で/に)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    に

    に geeft het park aan als plaats waar de kat is.

  3. 誰だれ_来きますか。(は/が)

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    が

    が markeert 誰 als het onderwerp waarnaar wordt gevraagd.

Gebruik het vandaag

Lees de Nederlandse en Japanse voorbeelden hardop en kies daarna de partikel die bij het werkwoord past.