Volg een verzonnen paleisscène door de vorst, de mensen om hem heen en het overgebrachte document te herkennen. De voorbeelden en het korte gesprek zijn voor deze les geschreven. Ze komen niet uit een serie en reconstrueren geen historische spreektaal.
Het idee
Koppel elk woord aan zijn rol in de scène: padişah is de vorst, saray het paleis en ferman in deze historische context een schriftelijk decreet van de vorst. Een vezir is een hoge staatsman, een elçi een gezant en een muhafız een bewaker. Verbind het zelfstandig naamwoord met de handeling: fermanı getirmek betekent het decreet brengen en saraya ulaşmak het paleis bereiken. De uitgangen helpen je te volgen wat verplaatst wordt en waarheen.
| Turks | Betekenis in deze scène |
|---|---|
| padişah | sultan; vorst |
| saray | paleis |
| ferman | decreet van de vorst |
| vezir | vizier; hoge staatsman |
| elçi | gezant |
| muhafız | bewaker |
| mektup | brief |
Lees de tekst
A: Bu mektup mu, ferman mı?
B: Bu bir ferman; padişahın emrini bildiriyor.
A: Öyleyse mektubu değil, fermanı getir.
Voorbeelden
- Padişah bugün elçiyi bekliyor.De sultan wacht vandaag op de gezant.
- Ferman sabah saraya ulaştı.Het decreet bereikte het paleis in de ochtend.
- Muhafız şimdi kapıda bekliyor.De bewaker wacht nu bij de deur.
- Vezir, padişahın kararını elçiye bildirdi.De vizier deelde de gezant het besluit van de sultan mee.
- Bu mektup mu, ferman mı?Is dit een brief of een decreet?
- Bu bir ferman; padişahın emrini bildiriyor.Dit is een decreet; het brengt het bevel van de sultan over.
- Öyleyse mektubu değil, fermanı getir.Breng dan het decreet, niet de brief.
Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.
Er is geen Turkse stem op je apparaat beschikbaar. Je kunt de tekst nog steeds lezen.
Let op
Vertaal niet elk emir (bevel) als ferman en niet elk mektup (brief) als decreet. Hier brengt het document het bevel van de vorst over; een brief kan ook gewoon nieuws bevatten. Niet al deze woorden zijn verouderd: saray betekent nog steeds paleis, en elçi en muhafız komen ook buiten historische verhalen voor.
Probeer het zelf
Kies het woord voor de Ottomaanse vorst: padişah of vezir.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
padişah
padişah: De aanwijzing vraagt om de vorst. De vezir is een staatsman; met die keuze benoem je dus een andere rol in de scène.
Kies het document dat het schriftelijke bevel van de vorst overbrengt: mektup of ferman.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
ferman
ferman: De omschrijving noemt een document dat het bevel van de vorst overbrengt. Een mektup hoeft geen bevel te bevatten, dus “brief” mist de doorslaggevende informatie.
Vul aan: “Het decreet bereikte het paleis in de ochtend.” Voeg de benodigde uitgang toe aan saray.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
saraya
saraya: Bij ulaştı is het paleis de bestemming. Voeg -a toe aan saray; de laatste y hoort al bij het zelfstandig naamwoord. Sarayda zou juist een verblijfplaats aangeven.
Vul aan: “Breng het decreet, niet de brief.” Voeg de benodigde uitgang toe aan ferman.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
fermanı
fermanı: De spreker stelt twee bepaalde documenten tegenover elkaar en vraagt om een ervan. Het bepaalde lijdend voorwerp krijgt daarom -ı, passend bij de laatste klinker van ferman.
Oefenronde
Beantwoord vragen en zet waar mogelijk Turkse zinnen en woorden weer in elkaar. We bewaren je score.
Kies het woord voor de Ottomaanse vorst: padişah of vezir.
Kies het document dat het schriftelijke bevel van de vorst overbrengt: mektup of ferman.
Vul aan: “Het decreet bereikte het paleis in de ochtend.” Voeg de benodigde uitgang toe aan saray.
Vul aan: “Breng het decreet, niet de brief.” Voeg de benodigde uitgang toe aan ferman.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Bewaar je voortgang
Maak gratis een account aan om je oefenresultaten daarin op te slaan.
Account maken en opslaanIk heb al een accountGebruik het vandaag
Schrijf vier eigen dialoogregels tussen een gezant en een bewaker. Maak duidelijk of het document een brief of een decreet is en waar het naartoe moet. Gebruik ferman en saray met de benodigde uitgangen.

