Met kaza benoem je een ongeluk, bijvoorbeeld op de fiets of in het verkeer. Je leert een bepaald voorval aan te wijzen, te zeggen wie het meemaakte en de samenstelling trafik kazası te verbuigen.

Het idee

De stam blijft kaza: kazayı, kazaya, kazada, kazanın. De laatste klinker vraagt om achterklinkers in de uitgangen; er is geen eindmedeklinker die kan veranderen. Kazayı is het bepaalde lijdend voorwerp, terwijl kazası zijn/haar ongeluk betekent. Ook trafik kazası bevat -sı; vóór een volgende naamvalsuitgang verschijnt n: trafik kazasında, trafik kazasını. Het meervoud is kazalar en onze ongelukken zijn kazalarımız.

Patronen vergelijken
VormBetekenis of functie
kazaongeluk; basisvorm
kazayıhet ongeluk; bepaald lijdend voorwerp
kazayanaar het ongeluk; datief
kazadabij het ongeluk
kazadanvan het ongeluk; ablatief
kazanınvan het ongeluk; genitief
kazayla / kaza ilemet het ongeluk; instrumentalis
kazalarongelukken
kazammijn ongeluk
kazanjouw ongeluk
kazasızijn/haar ongeluk
kazamızons ongeluk
kazanızjullie/uw ongeluk
onların kazalarıhun ongeluk(ken); aantal blijkt uit de context
kazalarımızonze ongelukken
trafik kazasıverkeersongeluk; samenstelling
trafik kazasındabij het verkeersongeluk
kazasınızijn/haar ongeluk; lijdend voorwerp

Voorbeelden

  • Kazayı komşum da gördü.Mijn buurman of buurvrouw heeft het ongeluk ook gezien.
  • Bu kazada kimse yaralanmadı.Bij dit ongeluk raakte niemand gewond.
  • Kazadan sonra eve döndük.Na het ongeluk gingen we terug naar huis.
  • Bu kavşakta kazalar azaldı.Het aantal ongelukken op dit kruispunt is afgenomen.
  • Bisiklet kazamı hâlâ hatırlıyorum.Ik herinner me mijn fietsongeluk nog steeds.
  • Bir trafik kazasında iki araç zarar gördü.Bij een verkeersongeluk raakten twee voertuigen beschadigd.
  • Sürücü kazaya tanık olduğunu söyledi.De bestuurder zei getuige van het ongeluk te zijn geweest.
  • Kazanın nedeni henüz bilinmiyor.De oorzaak van het ongeluk is nog niet bekend.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Verkort trafik kazasında niet tot trafik kazada: de samenstelling behoudt -sı vóór de naamvalsuitgang. Kazasını betekent zijn/haar ongeluk als lijdend voorwerp; kazayı vertelt niet wie het ongeluk meemaakte.

Probeer het zelf

  1. Vul aan: Vandaag bespraken we het ongeluk dat we gisteren zagen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kazayı

    kazayı: dün gördüğümüz wijst het al geziene ongeluk aan. Bij konuştuk is dat hier een bepaald lijdend voorwerp, dus krijgt het -yı.

  2. Vul aan: Bij dit verkeersongeluk raakte niemand gewond.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kazasında

    kazasında: de open plek hoort bij trafik kazası. Behoud -sı en voeg -nda toe om te zeggen dat bij dit ongeluk niemand gewond raakte.

  3. Vul aan: Mijn fietsongeluk gebeurde afgelopen zomer.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kazam

    kazam: benim verwijst naar de spreker, dus is het bezitsachtervoegsel -m nodig. Het ongeluk is het onderwerp van oldu en krijgt geen uitgang voor het lijdend voorwerp.

  4. Gebruik het meervoud als lijdend voorwerp: We onderzoeken de ongelukken op dit kruispunt.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kazaları

    kazaları: het kruispunt bepaalt welke ongelukken worden onderzocht. Na kazalar volgt accusatief -ı; hier gaat het om een bepaald meervoudig object, niet om bezit.

Gebruik het vandaag

Bedenk drie zinnen over een klein fictief ongeluk: benoem het als lijdend voorwerp, zeg wat er tijdens het ongeluk gebeurde en vermeld wie het meemaakte. Onderstreep de uitgangen.