Je kiest per werkwoord tussen locatief en ablatief en gebruikt beide ook bij personen en voornaamwoorden.

Het idee

Twee vragen, twee uitgangen. Op Nerede? (waar?) volgt -de/-da/-te/-ta: Bankada çalışıyorum. Op Nereden? (waarvandaan?) volgt -den/-dan/-ten/-tan: Evden çıkıyorum. Het werkwoord beslist: werkwoorden van verblijven (kalmak, oturmak, çalışmak, yaşamak) nemen de eerste, werkwoorden van weggaan en herkomst (çıkmak, ayrılmak, gelmek als je de herkomst noemt) de tweede. Ook een persoon of voornaamwoord kan de plaats zijn: Ali'de kalıyorum, Ali'den geliyorum, bende, senden.

Patronen vergelijken
VraagAchtervoegselTypische werkwoordenVoorbeeld
nerede?-de/-da/-te/-takalmak, oturmak, çalışmak, yaşamakAli'de kalıyorum.
nereden?-den/-dan/-ten/-tançıkmak, ayrılmak, gelmekAli'den geliyorum.
nereye?-e/-agitmek, varmakAli'ye gidiyorum.

Voorbeelden

  • Sabah evden çıkıyorum.'s Ochtends ga ik het huis uit.
  • Ayşe şimdi bankada çalışıyor.Ayşe werkt nu bij de bank.
  • Ali'den bir mesaj geliyor.Er komt een bericht van Ali binnen.Ook een persoon kan het beginpunt zijn: Ali'den betekent „van Ali”. De uitgang staat op de naam achter de apostrof; er is geen apart woord voor „van”.
  • Anahtar bende.Ik heb de sleutel.Voornaamwoorden krijgen dezelfde uitgangen: ben wordt bende. Bij een persoon betekent de locatief „bij hem, in zijn handen”; Anahtar bende zegt dus dat ik de sleutel heb.
  • Kalem sende mi?Heb jij de pen?
  • Ben Ankara'dan geliyorum ama şimdi Bursa'da yaşıyorum.Ik kom uit Ankara, maar woon nu in Bursa.Eén zin, twee naamvallen: -dan zegt waar je vandaan komt en -da waar je nu bent. Beide volgen de eigennaam na een apostrof.
  • arkadaşımdanvan mijn vriendarkadaşım-im / -ım / -um / -üm / -m: mijndan-den / -dan / -ten / -tan: van, uit
  • bankalardanvan de bankenbankalarHet meervoud -ler / -lar: vorm en plaatsdan-den / -dan / -ten / -tan: van, uit

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Nederlands zegt „bij Ali” en „van Ali” met een voorzetsel, dus leerders laten de naamval weg of voegen een woord toe: Ali kalıyorum en Anahtar ben zijn fout. De persoon zelf krijgt de uitgang: Ali'de kalıyorum, Anahtar bende. En laat „in” je niet naar de locatief bij gelmek lokken: Ankara'da geliyorum zegt alleen dat je in Ankara bent terwijl je komt; „ik kom uit Ankara” is Ankara'dan geliyorum.

Probeer het zelf

  1. Voeg de juiste uitgang toe: ik blijf bij Ali.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ali'de

    Ali'de: kalmak noemt waar je blijft, dus de locatief; de persoon krijgt de uitgang na de apostrof, en omdat i een voorklinker is, wordt het -de.

  2. Voeg de juiste uitgang toe: ik kom van Ali.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    Ali'den

    Ali'den: geliyorum noemt hier het beginpunt, dus de ablatief; Ali eindigt op een klinker, en de voorklinker i geeft -den.

  3. Voeg de juiste uitgang toe: ik kom uit school.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    okuldan

    okuldan: je gaat de school uit, dus het beginpunt staat in de ablatief; de laatste klinker u is een achterklinker en l is stemhebbend, daarom -dan.

  4. Voeg de juiste uitgang toe: de sleutel is bij mij.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bende

    bende: de sleutel is bij de spreker, en het voornaamwoord ben neemt de locatief; de klinker e is een voorklinker en n is stemhebbend, daarom -de.

Gebruik het vandaag

Schrijf vier zinnen over je dag: waar je woont of blijft, waar je werkt of studeert, waar je 's ochtends vandaan vertrekt en van wie je een bericht krijgt. Controleer elke uitgang aan het werkwoord.