Je zegt met een zelfstandig of bijvoeglijk naamwoord wie je bent of hoe het met je gaat, en kiest voor elke persoon de juiste van vier uitgangen.
Het idee
In het Turks heb je geen woord voor „ben” of „bent” nodig: de persoonsuitgang aan het zelfstandig of bijvoeglijk naamwoord doet dat. Ben öğretmenim, sen öğretmensin, biz öğretmeniz, siz öğretmensiniz. De uitgangen zijn -(y)im, -sin, -(y)iz, -siniz, elk met vier klinkervormen (i ı u ü) die de laatste klinker van het woord volgen: hastayım, Türküm. Medeklinkers veranderen de uitgang niet. Bij hij, zij, het komt er niets bij: Annem yorgun.
| Woord | ik (ben) | jij (sen) | wij (biz) | jullie / u (siz) |
|---|---|---|---|---|
| kadın | kadınım | kadınsın | kadınız | kadınsınız |
| öğretmen | öğretmenim | öğretmensin | öğretmeniz | öğretmensiniz |
| doktor | doktorum | doktorsun | doktoruz | doktorsunuz |
| Türk | Türküm | Türksün | Türküz | Türksünüz |
| hasta | hastayım | hastasın | hastayız | hastasınız |
| öğrenci | öğrenciyim | öğrencisin | öğrenciyiz | öğrencisiniz |
Voorbeelden
- Ben bugün çok yorgunum.Ik ben vandaag erg moe.
- Biz çok mutluyuz.Wij zijn heel gelukkig.
- Siz çok iyi bir doktorsunuz.U bent een heel goede dokter.Siz betekent zowel „jullie” als beleefd „u” tegen één persoon. De uitgang is in beide gevallen hetzelfde: -sunuz na o.
- Merhaba, ben Elif'im.Hallo, ik ben Elif.Na een eigennaam staat voor de uitgang een apostrof: Elif'im. Het voornaamwoord ben mag wegvallen: Elif'im is genoeg.
- Annem çok yorgun.Mijn moeder is erg moe.Bij hij, zij, het komt er niets bij: yorgun alleen betekent „is moe”.
- öğrenciyimik ben studentöğrenciyTussenklank -y-: de y tussen klinkersim-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
- öğrencisinjij bent studentöğrencisin-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijnAlleen ben en biz krijgen na een klinker een y. Bij sen komt -sin er direct achter: öğrencisin, niet öğrenciysin.
- öğretmenizwij zijn lerarenöğretmeniz-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
- hastasınızjullie zijn ziekhastasınız-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.
Er is geen Turkse stem op je apparaat beschikbaar. Je kunt de tekst nog steeds lezen.
Let op
De verbindings-y komt alleen bij ben en biz: öğrenciyim, öğrenciyiz, maar öğrencisin, öğrencisiniz. Na een medeklinker staat er helemaal geen y: doktorum, niet doktoryum.
Probeer het zelf
Voeg de uitgang toe: Ik ben ziek.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
hastayım
hastayım: hasta eindigt op een klinker, dus ben krijgt de verbindings-y; de laatste klinker a geeft -ım.
Voeg de uitgang toe: Jij bent student.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
öğrencisin
öğrencisin: alleen ben en biz nemen de y; bij sen komt -sin er direct achter, volgens de laatste klinker i.
Voeg de uitgang toe: Wij zijn leraren.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
öğretmeniz
öğretmeniz: het woord eindigt op de medeklinker n, dus geen y; de laatste klinker e geeft -iz.
Voeg de uitgang toe: Jullie zijn zwemmers.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
yüzücüsünüz
yüzücüsünüz: de laatste klinker ü geeft -sünüz, en siz krijgt nooit een y.
Oefenronde
Beantwoord vragen en zet waar mogelijk Turkse zinnen en woorden weer in elkaar. We bewaren je score.
Voeg de uitgang toe: Ik ben ziek.
Voeg de uitgang toe: Jij bent student.
Voeg de uitgang toe: Wij zijn leraren.
Voeg de uitgang toe: Jullie zijn zwemmers.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: ik ben student
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: jij bent student
Bewaar je voortgang
Maak gratis een account aan om je oefenresultaten daarin op te slaan.
Account maken en opslaanIk heb al een accountGebruik het vandaag
Schrijf vier zinnen over jezelf, je vrienden en je familie, een voor ben, sen, biz en siz, met een zelfstandig of bijvoeglijk naamwoord. Onderstreep elke uitgang en controleer de laatste klinker.

