Je vervoegt bakmak in drie tijden en voegt het juiste achtervoegsel toe aan wat je bekijkt.

Het idee

Bakmak betekent „kijken naar”, en datgene waar je naar kijkt staat in de datief (-e/-a): kapıya bakıyorum, nooit kapıyı bakıyorum. De stam bak blijft in elke tijd gelijk, alleen de uitgang verandert: bakıyorum, baktım, bakacağım. Na de stemloze k begint de uitgang van de verleden tijd met t.

Patronen vergelijken
PersoonTegenwoordigVerledenToekomst
benbakıyorumbaktımbakacağım
senbakıyorsunbaktınbakacaksın
obakıyorbaktıbakacak
bizbakıyoruzbaktıkbakacağız
sizbakıyorsunuzbaktınızbakacaksınız
onlarbakıyorlarbaktılarbakacaklar

Voorbeelden

  • Ben resme bakıyorum.Ik kijk naar de foto.Bakmak vraagt de datief, dus resme en niet resmi. De i van resim valt weg voor de uitgang. Het voornaamwoord ben mag wegvallen.
  • Çocuklar denize bakıyor.De kinderen kijken naar de zee.
  • Dün akşam saatime baktım.Gisteravond keek ik op mijn horloge.Bak eindigt op een stemloze k, dus de verleden tijd begint met t: baktım, nooit bakdım. Saatim heeft al het bezitsachtervoegsel, dus volgt -e: saatime.
  • Annem küçük kardeşime bakıyor.Mijn moeder zorgt voor mijn kleine broertje.Bij een persoon betekent bakmak met de datief vaak „zorgen voor”, niet alleen „kijken”: kardeşime bakıyor.
  • Yarın bu eve bakacağız.Morgen gaan we dit huis bekijken.In de toekomende tijd wordt de k van -acak voor een klinker een ğ: bakacağız. Voor een medeklinker blijft ze staan: bakacaksınız.
  • Bak, kuşlar uçuyor.Kijk, de vogels vliegen!De kale stam is het bevel aan één persoon: bak. Voor meerdere personen of beleefd voeg je -ın toe: bakın.
  • Ben haritaya bakmıyorum.Ik kijk niet naar de kaart.De ontkenning -mı- staat tussen stam en -yor: bak-mı-yor-um. De klinker is ı, omdat de laatste klinker van bak een a is.
  • Telefona bakma!Kijk niet op je telefoon!Het verbod voegt -ma aan de stam toe: bakma. Het voorwerp blijft in de datief: telefona.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Zet het voorwerp niet in de accusatief, zoals bij een gewoon overgankelijk werkwoord: resmi bakıyorum is fout, het moet resme bakıyorum zijn. Wil je alleen zeggen dat je iets opmerkt, gebruik dan görmek (zien) in plaats van bakmak.

Probeer het zelf

  1. Voeg het achtervoegsel toe dat bakmak vraagt: wij kijken naar de deur (kapı).

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kapıya

    kapıya: bakmak vraagt de datief; de stam eindigt op een klinker, dus komt de tussenklank y erbij, en de achterklinker ı geeft -a.

  2. Vervoeg bak voor jij in de tegenwoordige tijd (-iyor): jij kijkt.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bakıyorsun

    bakıyorsun: bak eindigt op een medeklinker, dus sluit -ıyor er direct op aan, met ı na de achterklinker a; de persoonsuitgang voor „jij” is -sun.

  3. Vervoeg bak voor zij (meervoud) in de verleden tijd: zij keken.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    baktılar

    baktılar: na de stemloze k begint de uitgang met t, niet met d; het meervoud is -lar na de achterklinker ı.

  4. Vervoeg bak voor ik in de toekomende tijd: ik zal kijken.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bakacağım

    bakacağım: voor de uitgang -ım wordt de k van -acak een ğ.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie zinnen over waar je vandaag naar hebt gekeken, elke keer met de datief, en controleer de klinker van elk achtervoegsel.