Maak een tijdsbepaling bij een handeling die bezig is of een tijdelijke toestand. Je kiest de juiste aangehechte vorm en ziet waarom giderken een aoristuitgang bevat.

Het idee

Na een medeklinker voeg je -ken toe: çocukken, sıcakken. Na een klinker gebruik je -yken: öğrenciyken, evdeyken. De e blijft staan, ook na achterklinkers; de uitgang wordt nooit -kan. Vorm voor de handelingen in deze les eerst de aorist zonder persoonsuitgang en voeg dan -ken toe: yapar → yaparken, okur → okurken. In giderken verandert git- al vóór de klinker van de aorist in gid-. Los geschreven iken kan ook: öğrenci iken betekent hetzelfde als öğrenciyken. De uitgang geeft op zichzelf geen verleden tijd aan; de hoofdzin en de context bepalen de tijd.

Patronen vergelijken
UitgangsvormAangehechte uitgangResultaat
çocuk-kençocukken
sıcak-kensıcakken
öğrenci-ykenöğrenciyken
evde-ykenevdeyken
yapar-kenyaparken
okur-kenokurken
gider-kengiderken

Voorbeelden

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Neem de persoonsuitgang niet mee naar de tijdsbepaling: zeg ben okurken, niet okurumken. De handelingen kunnen verschillende onderwerpen hebben. In het eerste voorbeeld kookt moeder en dekt de spreker de tafel. Noem de onderwerpen als de context niet duidelijk is.

Probeer het zelf

  1. Hecht -ken aan çocuk (kind). Schrijf één woord: als kind.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çocukken

    çocukken: Na de laatste k komt een medeklinker, dus de k blijft staan. De achterklinker u verandert niets aan de vaste e. De opdracht vraagt om één aaneengeschreven woord.

  2. Hecht -ken aan öğrenci (leerling, student). Schrijf één woord: tijdens de school- of studententijd.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    öğrenciyken

    öğrenciyken: öğrenci eindigt op i, dus is bij het aanhechten een y nodig. De vorm duidt de tijd als leerling of student aan en krijgt geen persoonsuitgang.

  3. Vul aan met okumak (lezen): Ik maak aantekeningen terwijl ik een boek lees. Schrijf het ontbrekende woord.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    okurken

    okurken: Aan oku- voeg je eerst de aorist-r toe en daarna -ken. Het voornaamwoord ben geeft aan wie leest; lezen en aantekeningen maken gebeuren tegelijk.

  4. Vul aan met gitmek (gaan): Onderweg naar school begon het te regenen. Schrijf het ontbrekende woord.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    giderken

    giderken: De aorist van gitmek is gider, met een d vóór -er. Door -ken begint de regen onderweg naar school, en niet pas na aankomst.

Gebruik het vandaag

Schrijf een zin over wat je tijdens het lezen doet, een over wat iemand anders doet terwijl jij thuis bent en een over je studententijd. Omcirkel de uitgangen en wijs het onderwerp van elke handeling aan.