Het meervoud -ler / -lar: vorm en plaats
Twee vormen, één vaste plek: -ler en -lar verschillen alleen in de klinker, en het meervoud staat altijd direct achter het naamwoord, vóór bezit en naamval: evlerimizde.
Lezen en oefenen
InloggenMijn accountAvonturendagboek
Zie hoe uitgangen Turkse woorden vormen: meervoud, naamvallen, bezit, tijden en vragen, met een tabel van elke vorm.
Avonturendagboek
Kies je niveau
Geen passende les gevonden. Probeer een kortere zoekopdracht of een ander onderwerp.
Twee vormen, één vaste plek: -ler en -lar verschillen alleen in de klinker, en het meervoud staat altijd direct achter het naamwoord, vóór bezit en naamval: evlerimizde.
Lezen en oefenenLeer het Turkse achtervoegsel van de locatief in alle vier de vormen -de, -da, -te en -ta, hoe klinker en laatste klank de vorm kiezen en waarom het Ankara'da met apostrof is.
Lezen en oefenenZeg in het Turks waar iemand vandaan komt. Het ablatiefsuffix heeft vier vormen en krijgt na 'zijn' of 'haar' een n: evinden, niet evden.
Lezen en oefenenWaar komt -e of -a, wanneer verschijnt er een y en waarom wordt kitap kitaba? De Turkse datief voor bestemming en ontvanger.
Lezen en oefenenEen bepaald lijdend voorwerp krijgt in het Turks -i, -ı, -u of -ü. Zie welke van de vier vormen past, wanneer een y of een verzachte k, p, ç optreedt en wanneer het achtervoegsel wegblijft.
Lezen en oefenenZeg van wie iets is: Ali'nin, çocuğun, kapının. Vier vormen, de n na een klinker en waarom ook het bezit zelf een eigen uitgang nodig heeft.
Lezen en oefenenVan ev wordt evim, van araba arabam: welke van vijf uitgangen de laatste klinker kiest, waarom na een klinker alleen -m komt en hoe kitap kitabım wordt.
Lezen en oefenenJouw huis, jouw auto, jouw moeder in het Turks: de vier vormen -in/-ın/-un/-ün na een medeklinker, de korte -n na een klinker en kitap die kitabın wordt.
Lezen en oefenenWaarom evi maar arabası? Leer de bezitsvorm van de derde persoon in alle acht vormen, het zachter worden van medeklinkers (kitap, kitabı) en waarom zijn en haar gelijk zijn.
Lezen en oefenenZo zeg je ons en onze in het Turks: het achtervoegsel -imiz en zijn zeven andere vormen, gekozen op laatste klinker en woordeinde, met evimiz en arabamız.
Lezen en oefenenUw en jullie in het Turks: eviniz, arabanız, kitaplarınız. De acht vormen van het achtervoegsel en de klinker die na een klinker wegvalt.
Lezen en oefenenEvleri, arabaları, kitapları: hoe het Turkse achtervoegsel voor „hun” -leri of -ları kiest, waarom p, ç, t, k hard blijven en waarom evleri ook de huizen van één persoon kan zijn.
Lezen en oefenenWaarom het Turks een n invoegt tussen het bezit van de 3e persoon en een naamvalsuitgang (evi + de = evinde), en waarom die na ‘mijn’, ‘ons’, ‘jouw’ ontbreekt.
Lezen en oefenenWaarom arabaya en kapıyı en niet arabaa? Zie waar het Turks een verbindende y plaatst tussen een woord op klinker en -e/-a of -i, en waar nooit.
Lezen en oefenenHoe ben, sen en o veranderen voor naamvalsuitgangen: bana, senden, onu, ona, en waarom biz en siz regelmatig blijven. Met volledige tabel.
Lezen en oefenenDe apostrof tussen een eigennaam en zijn achtervoegsel: hoe je het achtervoegsel kiest en waarom Ahmet en Zeynep hun laatste letter houden.
Lezen en oefenenMaak van elke Turkse zin een ja-neevraag met mi, mı, mu of mü: welke klinker je kiest, waarom het los geschreven wordt en waar het persoonsachtervoegsel komt te staan.
Lezen en oefenenWie je bent en hoe het met je gaat, in het Turks, met de persoonsuitgangen -im, -sin, -iz en -siniz, de klinkerharmonie en de koppel-y na een klinker.
Lezen en oefenenDe Turkse lopende tegenwoordige tijd: waarom -yor vier klinkers heeft, wat er met de eindklinker van bekle- en başla- gebeurt en waarom git- gidiyorum wordt.
Lezen en oefenenWaarom gelmiyorum en nooit gelmeyorum? Zie hoe de ontkenning -me/-ma vóór -yor versmalt, hoe de laatste klinker van de stam haar kiest en waar de persoonsuitgang komt.
Lezen en oefenenDe acht vormen van het Turkse achtervoegsel voor de verleden tijd: -di, -dı, -du, -dü en hun t-varianten. Zie hoe de laatste klinker en klank van de stam er één kiezen: geldi, yaptı, gördü.
Lezen en oefenenGeldim, geldin, geldi, geldik, geldiniz, geldiler: hoe de Turkse verleden tijd aangeeft wie iets deed, waarom hij en zij geen uitgang krijgen en waar harmonie -niz en -ler verandert.
Lezen en oefenenGelmedim, okumadım, görmedik: voeg -me of -ma toe, dan -di of -dı en een persoonsuitgang om te zeggen wat niet gebeurde. Je hoeft maar twee vormen te kennen.
Lezen en oefenenPlannen, beloftes en voorspellingen: het Turkse futurum -ecek/-acak, de y na een klinker en de k die in geleceğim een ğ wordt.
Lezen en oefenenKalemle, arabayla, benimle: hang -le/-la aan een woord voor 'met' of 'per', zet een y na een klinker en ken het losse woord ile.
Lezen en oefenenİkinci of altıncı? Kies -inci, -ıncı, -uncu of -üncü naar de laatste klinker, laat de i vallen na een klinker en verzacht dört tot dördüncü.
Lezen en oefenenAlmanca, Arapça, İngilizce, Türkçe: de vier vormen van het achtervoegsel dat van Alman, Arap, İngiliz en Türk een taalnaam maakt, en hoe je de juiste kiest.
Lezen en oefenenSütlü kahve, şekerli çay: zo zegt het achtervoegsel -li, -lı, -lu of -lü ‘met’ of ‘voorzien van’, waarom de l nooit verandert en waarom Ankaralı geen apostrof heeft.
Lezen en oefenenŞekersiz çay is thee zonder suiker. Zie hoe -siz, -sız, -suz en -süz de laatste klinker volgen, waarom de s nooit verandert en waarom çocuksuz zijn k houdt.
Lezen en oefenenKom, kijk, ga zitten: zo maakt het Turks het bevel aan meerdere mensen of aan iemand die je respecteert, met vier klinkervormen en een y na een klinker.
Lezen en oefenenGelir, yapar, okur: de Turkse tegenwoordige tijd voor gewoontes. Wanneer het achtervoegsel -r, -ir of -ar is en waarom git gider wordt.
Lezen en oefenenWie doet iets gewoonlijk? De uitgangen -im, -sin, geen, -iz, -siniz en -ler/-lar na de aoristus, met de klinkerharmonie van gelirim, yaparsın en görürsünüz.
Lezen en oefenenGelmez, yapmam, içmeyiz: vorm de ontkennende aoristus met -mez/-maz en zie waarom de eerste persoon de z verliest: gelmem en yapmam, niet gelmezim.
Lezen en oefenenZeg in het Turks wat je kunt of mag doen: het achtervoegsel -ebil-/-abil-, de twee vormen, de y na een klinker en vormen als gelebilirim, okuyabilirsiniz en gidebilirim.
Lezen en oefenenGelemem is niet gelmem: met -eme en -ama zeg je dat je iets niet kunt, met de y van okuyamadım en de d van gidemem.
Lezen en oefenenGitmeliyim, kalkmalısın, beklemeliler: voeg -meli of -malı toe aan de werkwoordsstam, plus een persoonsuitgang, om te zeggen wat je moet doen.
Lezen en oefenenGitmemeliyim, okumamalısın, yapmamalı: met -me/-ma en -meli/-malı zeg je wat niet mag of niet moet, met twee vormen en zes persoonsuitgangen.
Lezen en oefenenYazmak, görmek, uyumak: waarom Turkse werkwoorden in het woordenboek op -mek of -mak eindigen, hoe de laatste klinker van de stam kiest en hoe de infinitief na willen staat.
Lezen en oefenenÖğrenciydim, evdeydik, soğuktu: zo zet het Turks een zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord of plaats in de verleden tijd met -di, -dı, -du, -dü, de t-vormen en y na een klinker.
Lezen en oefenenGelmiş betekent „hij is gekomen, hoor ik”: vorm de overgedragen verleden tijd met -miş, -mış, -müş of -muş, voeg persoonsuitgangen toe en weet wanneer -di beter past.
Lezen en oefenenEen feit of een stellige gok uitdrukken met -dir in acht vormen: kapalıdır, sıcaktır, tuzludur, dürüsttür. Hoe klinker en laatste klank de vorm kiezen, en wanneer je het laat.
Lezen en oefenenVan güzel naar güzellik: met -lik, -lık, -luk of -lük benoem je een eigenschap, toestand of beroep, en de slot-k wordt voor een klinker zacht: ğ.
Lezen en oefenenWie verkoopt, bestuurt of speelt het? Voeg -ci, -cı, -cu, -cü of -çi, -çı, -çu, -çü aan een zelfstandig naamwoord toe voor de persoon en kies uit acht vormen.
Lezen en oefenenEvdeki, dünkü, benimki: hoe het achtervoegsel -ki een plaats of tijd tot bijvoeglijk woord maakt en een bezitter tot voornaamwoord, en waarom bugünkü met -kü is.
Lezen en oefenenHulp aanbieden en voorstellen doen in het Turks: -eyim voor “laat mij” en “zal ik”, -elim voor “laten we”, met de twee klinkers, de tussenklank y en git → gid-.
Lezen en oefenenGelmeyeceğim, yapmayacağız: zet -me/-ma voor -yecek/-yacak om te zeggen wat niet zal gebeuren, en zie waarom de k een ğ wordt.
Lezen en oefenenGeliyordum betekent 'ik kwam eraan': zet -du achter de tegenwoordige duurvorm om te vertellen wat er toen gebeurde, en zie waar -lar komt.
Lezen en oefenenStam, meervoud, bezit, naamval: waarom het evlerimizden is en niet evimlerden, en waar de n in evinde vandaan komt.
Lezen en oefenenGitme en gelmeyin betekenen ‘doe het niet’: zet -me of -ma achter de werkwoordsstam, bij meer personen of beleefd volgt -yin, en de stam zelf blijft gelijk.
Lezen en oefenenBenimle, seninle, onunla, bizimle: hoe -le/-la via de genitiefvorm aan een persoonlijk voornaamwoord komt, en waarom alleen onlar ongewijzigd blijft.
Lezen en oefenenEen extra r telt: vergelijk gelirse met gelsem, kies -se of -sa op basis van de laatste klinker en ontdek waarom gitse zijn t behoudt.
Lezen en oefenenWie zou komen? Vergelijk gelsem, gelsen en gelsek en vorm alle zes personen na -se/-sa, met gelseniz voor meerdere personen of een beleefde aanspreekvorm.
Lezen en oefenenTerwijl het eten kookt: maak Turkse tijdsbepalingen met -ken en -yken, zoals yaparken en evdeyken. De klinker van deze uitgang verandert niet.
Lezen en oefenenOkuyunca koppelt lezen aan wat daarna gebeurt. Kies de vier klinkervormen van het Turkse achtervoegsel voor “als”, voeg y in na een klinker en schrijf gidince goed.
Lezen en oefenenDe deur openen en wachten: verbind Turkse handelingen met -ip, kies de juiste klinker en tussen-y, en laat tijd en persoon bij het laatste werkwoord.
Lezen en oefenenEen glimlach, een sprint, woorden opschrijven: vorm -arak/-erek om in het Turks een werkwijze te beschrijven, met de verbindende y, bekleyerek en giderek.
Lezen en oefenenTekenen in stilte maakt -meden/-madan duidelijk: kies de klinker, behoud de werkwoordstam en voeg önce toe om de betekenis „voordat” te verduidelijken.
Lezen en oefenenEerst afronden, daarna verdergaan: kies de acht Turkse vormen voor “na het doen”, behoud de eindmedeklinkers en schrijf het volgende woord los.
Lezen en oefenenDe soep was al afgekoeld toen we aankwamen: vorm de Turkse voltooid verleden tijd met vier varianten, persoonsuitgangen, ontkenningen en vragen.
Lezen en oefenenOude routines krijgen vorm met giderdim: bouw de Turkse verleden aorist, behoud z in de ontkenning en schrijf de vraag in oynar mıydın apart.
Lezen en oefenenEen eerder plan krijgt vorm in gidecektim: bouw de Turkse toekomst vanuit het verleden, behoud de k voor de verleden uitgang en stel de vraagvorm samen.
Lezen en oefenenEen brug wordt gebouwd, een raam geopend: kies de vier Turkse passiefvormen op basis van de werkwoordstam en voeg daarna de verleden tijd toe.
Lezen en oefenenVan almak naar alınmak: behoud de l en kies de klinker van de passieve uitgang. Na een klinker volstaat -n; de tijdsuitgang komt daarna.
Lezen en oefenenEen kleermaker, een grap, nieuwe planken: vorm Turkse causatieven met alle acht vormen van -dir en voeg daarna tijd en persoon toe.
Lezen en oefenenEén medeklinker verandert wachten in iemand laten wachten. Voeg het korte Turkse causatiefsuffix toe en behoud beide medeklinkers bij de verleden tijd.
Lezen en oefenenJezelf ’s ochtends klaarmaken: kies de vijf vormen van het Turkse wederkerende achtervoegsel en onderscheid je aankleden van een bepaald overhemd aantrekken.
Lezen en oefenenEen ontmoeting heeft twee kanten: kies de vijf Turkse wederkerige achtervoegsels, bouw bekende werkwoorden en vermijd een betekenisvalkuil rond liefde.
Lezen en oefenenEen wachtende reiziger en mensen die komen: kies de juiste Turkse deelwoordvorm, voeg een verbindingsklank in en bouw verder met meervoud en naamval.
Lezen en oefenenHet tijdschrift dat je leest vraagt in het Turks om een werkwoordsvorm vóór het zelfstandig naamwoord. Oefen acht suffixvormen, verzachting en uitgangen voor de handelende persoon.
Lezen en oefenenLezen krijgt een naam: voeg Turks -me of -ma toe, gevolgd door bezit of naamval. Bouw okumayı en gelmen en herken het verschil met een ontkennend bevel.
Lezen en oefenenStil, duidelijk of snel: kies het Turkse bijwoordelijke achtervoegsel op basis van de laatste klinker en klank, bouw woordketens en behoud de slotmedeklinker.
Lezen en oefenenSchoonmaken, zouten en beginnen delen in het Turks een woordvormingspatroon. Kies het juiste achtervoegsel, voeg het direct toe en zet de tijdsuitgang erachter.
Lezen en oefenenEen tuin wordt mooier, een taak moeilijker: vorm Turkse werkwoorden van verandering met twee achtervoegsels en voeg een infinitief- of tijdsuitgang toe.
Lezen en oefenenEen boekje, een piepklein tafeltje, een lieve mama: kies de Turkse verkleiningsuitgang en let op stamveranderingen en de volgorde van volgende uitgangen.
Lezen en oefenenAfkoelende soep en een open deur laten zien hoe je in het Turks een wens uit. Bouw de vier uitgangen voor de derde persoon, hun meervoud en ontkenning.
Lezen en oefenenDe lectuur van morgen zit in okuyacağım makale: vorm het Turkse toekomstige deelwoord en let op de onderwerpsuitgang en de letters y en ğ.
Lezen en oefenenEen blik, een terugkeer, een manier van lezen: maak Turkse zelfstandige naamwoorden met -(y)ış en voeg meervouds- of bezitsuitgangen toe.
Lezen en oefenenLezers, printers en constructieve ideeën delen een Turks achtervoegsel. Kies de klinkers, voeg waar nodig y in en onderscheid dit patroon van beroepsnamen.
Lezen en oefenenTwee handdoeken per gast, zes kaarsen per doos: kies -er, -ar, -şer of -şar, schrijf dörder correct en beschrijf groepjes met ikişerli.
Lezen en oefenenEen uitgestelde picknick heeft een reden: vorm Turkse zinnen met -dığı için, kies de uitgang bij het juiste onderwerp en onderscheid reden en doel.
Lezen en oefenenEén persoonsnaam kan een heel huishouden aanduiden. Vorm Turkse familiewoorden, voeg naamvalsuitgangen toe en ontdek waarom je hier geen apostrof schrijft.
Lezen en oefenenElke blik, elke lezing, elke verandering: kies uit acht Turkse uitgangen voor herhaling en geleidelijke verandering en voeg ze toe aan langere werkwoordstammen.
Lezen en oefenenNauwelijks gebeurt het ene of het andere volgt: maak Turkse „zodra”-paren, let op stamwisselingen en zet de persoonsuitgang op het hoofdwerkwoord.
Lezen en oefenenLezen tot de tekst blijft hangen: vorm Turkse herhalingen met -a, -e, -ya en -ye en herken het verschil tussen een manier van handelen en geleidelijke vooruitgang.
Lezen en oefenenEen gemist telefoontje: vorm arasaydım en getirseydik, vergelijk de twee klinkerpatronen en houd de onwerkelijke voorwaarde en het denkbeeldige gevolg uit elkaar.
Lezen en oefenenEen obstakel verandert het plan niet: bouw Turkse zinnen met “zelfs als”, zet de persoonsuitgang vóór het partikel en schrijf de ook na k los.
Lezen en oefenenEen denkbeeldige overwinning verklaart de blijdschap: vorm de vier Turkse „alsof”-uitgangen en vergelijk ze met de schrijfwijze met het losse woord gibi.
Lezen en oefenenStof op de plank en een vuil overhemd: kies -lan of -len en ontdek waarom de betekenis van een werkwoord niet altijd uit het grondwoord volgt.
Lezen en oefenenGenegenheid, kennis en druk delen een Turks woordvormingspatroon. Kies uit acht vormen van het achtervoegsel en voeg daarna uitgangen aan het naamwoord toe.
Lezen en oefenenEen gebroken bord en een losse naad laten zien hoe Turks met -ık/-ik/-uk/-ük woorden vormt: kies de klinker en voeg daarna naamvalsuitgangen toe.
Lezen en oefenenSpelling, meting en presentatie: vorm Turkse zelfstandige naamwoorden uit werkwoorden en houd woordvorming en het aangeven van bezit uit elkaar.
Lezen en oefenenDocenten, adviseurs en deskundigen tonen een beperkt Turks woordvormingspatroon. Herken bestaande persoonsnamen, kies de klinker en voeg naamwoordsuitgangen toe.
Lezen en oefenenWetenschappelijke methoden en emotionele reacties: vorm Turkse bijvoeglijke naamwoorden met twee suffixvormen en herken woorden met een vaste afwijkende vorm.
Lezen en oefenenEen blauwachtig gordijn en wat zurige yoghurt: kies uit acht Turkse vormen voor benadering, hecht ze goed aan en beschrijf een eigenschap in het verleden.
Lezen en oefenenLinzen koken en een pen laten vallen tonen twee Turkse causatieffamilies. Kies eerst het achtervoegsel van het werkwoord en pas daarna klinkerharmonie toe.
Lezen en oefenenDe avond verandert de uitgang niet: vorm tijdsbijwoorden met vast -leyin, herken het verkorte öğleyin en onderscheid dagdelen van precieze kloktijden.
Lezen en oefenenEen pakket zou er al moeten zijn: vorm de vier Turkse uitgangen voor vermoedens over het verleden, maak ze ontkennend en herken formele vaststellingen.
Lezen en oefenenEen kamer blijkt vroeger een opslagruimte te zijn geweest: maak Turkse naamwoordelijke gezegden met klinkerharmonie, persoonsuitgangen, ontkenningen en vragen.
Lezen en oefenenEen toestand wordt een voorwaarde: maak öğrenciysen van öğrenci, vergelijk aangehecht en los ise en zet de persoonsuitgang en ontkenning op hun plaats.
Lezen en oefenenEen rustigere avond, samen zwemmen: vorm Turkse wensen met -sa/-se, zet de ontkenning op de juiste plek en geef met de uitgang aan wie de handeling uitvoert.
Lezen en oefenen