Je verbindt een werkwijze of een begeleidende handeling met het hoofdwerkwoord. Het gaat om hoe iets gebeurt, niet alleen om wat er daarna gebeurt.

Het idee

Gebruik -erek om één handeling voor te stellen als de manier waarop een andere wordt uitgevoerd: Kelimeleri yazarak öğreniyoruz betekent dat we woorden leren door ze op te schrijven. Het kan ook om een begeleidende handeling gaan: in Çocuk gülerek konuştu praatte het kind lachend. In deze actieve zinnen doet dezelfde persoon beide dingen. Het converb krijgt geen eigen persoons- of tijdsuitgang; die staan op het hoofdwerkwoord, zoals in yürüyerek geldi en yürüyerek gideceğiz.

Patronen vergelijken
Werkwijze of begeleidende handelingHoofdwerkwoord
yazaraköğreniyoruz
gülerekkonuştu
yürüyerekgideceğiz

Voorbeelden

  • Çocuk gülerek konuştu.Het kind praatte lachend.
  • Misafirler yürüyerek geldi.De gasten kwamen te voet.
  • Kelimeleri yazarak öğreniyoruz.We leren woorden door ze op te schrijven.
  • Çocuklar şarkı söyleyerek yürüyor.De kinderen lopen te zingen.
  • Resme bakarak anlatıyorum.Ik leg het uit terwijl ik naar de afbeelding kijk.
  • Yarın sahile yürüyerek gideceğiz.Morgen gaan we te voet naar de kust.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Vervang niet elk “en toen” door -erek. Yemeği bitirip çıktım geeft gewoon een volgorde weer: ik at mijn maaltijd op en ging daarna weg. Bitirerek zou eerder een werkwijze suggereren. Wissel ook niet ongemerkt van onderwerp: als je moeder lacht en jij binnenkomt, houd je twee deelzinnen met elk een eigen onderwerp.

Probeer het zelf

  1. Kapıyı ___ açtım. (iterek / gülerek) Kies de werkwijze: ik opende de deur door ertegen te duwen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    iterek

    iterek: door het duwen gaat de deur open. Lachen kan de handeling begeleiden, maar drukt niet de genoemde werkwijze uit.

  2. Çocuk ___ içeri girdi. (gülerek / güldü) Kies de begeleidende handeling: het kind kwam lachend binnen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gülerek

    gülerek: het lachen gaat samen met het binnenkomen. Güldü is een zelfstandig gezegde in de verleden tijd en past niet op deze plek als bijwoordelijke bepaling.

  3. Her gün ___ çalışıyoruz. (yazarak / yazarakız) Kies de vorm: we studeren elke dag door te schrijven.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yazarak

    yazarak: de groep studeert door te schrijven. De meervoudige persoon staat al in çalışıyoruz en wordt niet nog eens aan het converb toegevoegd.

  4. Yemeği ___ çıktım. (bitirip / bitirerek) Kies de neutrale verbinding voor de volgorde: ik at mijn maaltijd op en ging daarna weg.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    bitirip

    bitirip: de opdracht vraagt om een gewone volgorde: eerst de maaltijd opeten, daarna weggaan. Het opeten wordt niet als middel om weg te gaan voorgesteld.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie zinnen over hoe je reist of studeert: één over het verleden, één over het heden en één over de toekomst. Omcirkel het hoofdwerkwoord en benoem wie beide handelingen uitvoert.