Je beantwoordt vragen als Kahve içiyor musun? en de lastigere Kahve içmiyor musun? en kiest tussen evet en hayır zonder verkeerd begrepen te worden.

Het idee

Evet zegt dat de vraag klopt, hayır dat ze niet klopt. Na een bevestigende vraag werkt het zoals in het Nederlands: Kahve içiyor musun? – Evet, içiyorum. of Hayır, içmiyorum. Na een ontkennende vraag stemt evet in met de ontkenning: Kahve içmiyor musun? – Evet, içmiyorum (klopt, ik drink geen koffie) of Hayır, içiyorum (dat klopt niet, ik drink wel). Vragen met var of yok beantwoord je met die woorden: Hayır, yok.

Patronen vergelijken
VraagNa evetNa hayır
Kahve içiyor musun?Evet, içiyorum.Hayır, içmiyorum.
Kahve içmiyor musun?Evet, içmiyorum.Hayır, içiyorum.
Bugün sınav var mı?Evet, var.Hayır, yok.
Bugün sınav yok mu?Evet, yok.Hayır, var.

Voorbeelden

  • Evet, ben kahve içmiyorum.Ja, ik drink geen koffie.Het antwoord op Kahve içmiyor musun? Evet stemt in met de vraag, dus het werkwoord blijft ontkennend. Het voornaamwoord ben mag wegvallen: Evet, içmiyorum.
  • Hayır, ben kahve içiyorum.Jawel, ik drink koffie.Dezelfde vraag. Hayır wijst het idee af dat je geen koffie drinkt, dus het werkwoord wordt bevestigend. Hayır met een ontkennend werkwoord is makkelijk verkeerd te begrijpen.
  • Evet, bugün okula gidiyorum.Ja, ik ga vandaag naar school.
  • Hayır, bugün okula gitmiyorum.Nee, ik ga vandaag niet naar school.
  • Evet, babam evde değil.Ja, mijn vader is niet thuis.
  • Hayır, babam evde.Jawel, mijn vader is thuis.
  • Bugün sınav yok mu?Is er vandaag geen examen?Evet, yok betekent dat er geen is; Hayır, var betekent dat er wel een is. Var en yok vormen het werkwoord van het antwoord, een ander werkwoord is niet nodig.
  • Hayır, bugün sınav var.Jawel, er is vandaag een examen.
  • Bugün pazartesi, değil mi?Het is vandaag maandag, toch?Hier staat değil mi achter een bevestigende zin, dus evet bevestigt die gewoon: Evet, pazartesi. Hayır ontkent haar: Hayır, salı.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Wie aan het Nederlandse „jawel“ denkt, antwoordt op Kahve içmiyor musun? vaak met Evet, içiyorum. Turks heeft geen „jawel“: evet stemt in met de ontkennende vraag, dus de zin klinkt tegenstrijdig en de ander vraagt misschien door. Herhaal na evet of hayır het werkwoord, want het losse woord wordt snel verkeerd begrepen.

Probeer het zelf

  1. Maak het antwoord af: je beaamt dat je geen koffie drinkt.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    içmiyorum

    içmiyorum: evet beaamt dat je geen koffie drinkt, dus het werkwoord blijft ontkennend.

  2. Maak het antwoord af: je komt niet.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gelmiyorum

    gelmiyorum: hayır wijst „je komt“ af, dus het werkwoord wordt ontkennend: gelmiyorum.

  3. Is er vandaag geen examen? Zeg dat er wel een is.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    var

    var: de vraag veronderstelt dat er geen examen is; hayır wijst dat af en dan blijft var over.

  4. Kies het eerste woord: je gaat naar school.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    hayır

    hayır: je gaat wel, dus je wijst „je gaat niet“ af; het woord is hayır, ook al is het werkwoord bevestigend.

Gebruik het vandaag

Stel een klasgenoot drie vragen, een bevestigende en twee ontkennende, zoals Bugün okula gitmiyor musun? Antwoord op elke vraag met evet of hayır en het werkwoord en zeg of je met de vraag instemt of haar afwijst.