Met çekmek trek je aan een voorwerp. Je gebruikt het ook in fotoğraf çekmek, foto’s maken, en para çekmek, geld opnemen.

Het idee

Het voorwerp helpt de betekenis bepalen: ipi çekmek is aan het touwtje trekken, terwijl fotoğraf çekmek foto’s maken betekent. Een bepaald voorwerp krijgt de accusatief, zoals ipi; de algemene voorwerpen fotoğraf en para blijven hier ongemarkeerd. De k van de stam blijft in çekiyorum en çekerim. Leer ook çektim en çekeceğim: bij die laatste vorm verandert alleen de k van de toekomendetijdsuitgang in ğ. De tabel geeft meervoudsvormen voor onlar; bij menselijke onderwerpen in het meervoud kan het werkwoord ook enkelvoudig zijn.

Patronen vergelijken
VoornaamwoordOnvoltooid tegenwoordige tijdVerleden tijdToekomende tijdAoristus (gewoonte)Ontkenning in het heden
bençekiyorumçektimçekeceğimçekerimçekmiyorum
sençekiyorsunçektinçekeceksinçekersinçekmiyorsun
oçekiyorçektiçekecekçekerçekmiyor
bizçekiyoruzçektikçekeceğizçekerizçekmiyoruz
sizçekiyorsunuzçektinizçekeceksinizçekersinizçekmiyorsunuz
onlarçekiyorlarçektilerçekeceklerçekerlerçekmiyorlar

Voorbeelden

  • Ben ipi çekiyorum.Ik trek aan het touwtje.
  • Biz halatı çektik.We hebben aan het touw getrokken.
  • Yarın fotoğraf çekeceğim.Morgen ga ik foto’s maken.
  • Bankadan para çekiyoruz.We nemen geld op bij de bank.
  • Burada fotoğraf çekmiyorum.Ik maak hier geen foto’s.
  • Bu kapıyı kendine doğru çek.Trek deze deur naar je toe.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Voor een foto maken met de camera gebruik je fotoğraf çekmek, niet een letterlijke vertaling met almak. Bij een beweging is çekmek trekken en itmek duwen; verwisselen keert de opdracht om.

Probeer het zelf

  1. Vul aan: Ik trek nu aan het touwtje.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çekiyorum

    çekiyorum: şimdi wijst op een handeling die bezig is, en ben vraagt de eerste persoon. De stam behoudt zijn k voor de klinker van -iyor.

  2. Vul in de verleden tijd aan: Gisteren trokken we aan het touw.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çektik

    çektik: dün en de opdracht vragen de verleden tijd. Na de stemloze k begint de uitgang met t; de laatste -k geeft biz aan.

  3. Vul in de toekomende tijd aan: Morgen ga ik foto’s maken.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çekeceğim

    çekeceğim: voor de toekomst met ben komt er een persoonsuitgang achter çekecek. De laatste k wordt ğ, terwijl de k van de stam blijft staan.

  4. Geef één persoon een directe opdracht: Trek deze deur naar je toe.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çek

    çek: een directe opdracht aan één persoon gebruikt alleen de stam. Kendine doğru geeft de richting naar die persoon aan; duwen zou de andere kant op gaan.

Gebruik het vandaag

Schrijf een opdracht over een deur, een zin over foto’s van gisteren en een plan om geld op te nemen. Kies eerst de betekenis, daarna de persoon en tijd.