Je doet een voorstel, nodigt één persoon uit, zegt ja met olur en zegt nee zonder onbeleefd te klinken.

Het idee

Voor een gezamenlijk voorstel plak je -elim of -alım aan de werkwoordsstam en schrijf je mi of mı los erachter, passend bij de laatste klinker: çıkalım mı?, gidelim mi?. Eén persoon nodig je uit met de aoristus: gelir misin?. Ja zeg je met olur of çok isterim, nee met maalesef, müsait değilim en een reden, plus başka bir gün. Een kloktijd krijgt de locatief (yedide), een bestemming de datief (müzeye).

Patronen vergelijken
WerkwoordVoorstel: zullen we …?Uitnodiging: … je?
gitmekgidelim mi?gider misin?
gelmekgelelim mi?gelir misin?
buluşmakbuluşalım mı?buluşur musun?
çıkmakçıkalım mı?çıkar mısın?
yapmakyapalım mı?yapar mısın?
oturmakoturalım mı?oturur musun?

Voorbeelden

  • Yarın akşam yürüyüşe çıkalım mı?Zullen we morgenavond gaan wandelen?Het achtervoegsel -alım betekent in een voorstel „wij”, en het partikel mı schrijf je los.
  • Cumartesi akşamı bize gelir misin?Kom je zaterdagavond bij ons langs?
  • Olur, saat yedide kafede buluşalım.Goed, laten we om zeven uur in het café afspreken.Olur is het gewone „afgesproken”. Een kloktijd krijgt de locatief: yedide.
  • Maalesef yarın akşam müsait değilim.Helaas heb ik morgenavond geen tijd.Maalesef („helaas”) maakt de weigering zachter, en müsait değilim geeft geen details om over te twisten.
  • Çok isterim ama cumartesi çalışıyorum.Heel graag, maar zaterdag werk ik.
  • Cumartesi olmaz ama pazar günü olur.Zaterdag kan niet, maar zondag kan wel.Olmaz betekent „dat gaat niet”, olur betekent „dat gaat”: beide oordelen over het plan, niet over jou.
  • Başka bir gün buluşalım mı?Zullen we een andere dag afspreken?
  • Hafta sonu için bir planın var mı?Heb je plannen voor het weekend?

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Olur is een duidelijk ja, „akkoord”, geen „misschien”. Een kaal Olmaz klinkt vaak bot; begin met maalesef, voeg müsait değilim of een reden toe en stel een andere dag voor. Het partikel blijft ook los en volgt de klinkerharmonie: çıkalım mı, niet çıkalımmı of çıkalım mi.

Probeer het zelf

  1. Voeg het achtervoegsel toe aan müze (museum): Gaan we morgen naar het museum?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    müzeye

    müzeye: müze eindigt op een klinker, dus de datief krijgt de tussenklank y, en de voorklinker e geeft -ye.

  2. Voeg het achtervoegsel toe: Laten we om zeven uur afspreken.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yedide

    yedide: een kloktijd krijgt de locatief, en de laatste klinker i is een voorklinker, dus het achtervoegsel is -de.

  3. Maak het voorstel af: Gaan we samen wandelen?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    çıkalım

    çıkalım: de laatste klinker van de stam, ı, is een achterklinker, dus het „wij”-achtervoegsel is -alım, gevolgd door mı.

  4. Maak de uitnodiging af: Kom je zondag bij ons langs?

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gelir

    gelir: een uitnodiging aan één persoon gebruikt de aoristus, en na de voorklinker e is het achtervoegsel -ir, gevolgd door misin.

Gebruik het vandaag

Schrijf twee zinnen waarmee je een vriend of vriendin voor dit weekend uitnodigt, daarna een antwoord dat accepteert en een beleefde weigering met reden.