Je zegt dat niemand iets deed, dat er niets is of dat je iets nooit hebt gedaan, en laat het werkwoord daarbij passen.

Het idee

Turkse ontkennende woorden zoals kimse (niemand), hiçbir şey (niets), hiçbir + zelfstandig naamwoord (geen enkel …) en hiç (nooit, helemaal) ontkennen de zin niet op zichzelf: het werkwoord moet ook ontkennend zijn, met -me-/-ma- of met yok in plaats van var. Kimse gelmedi, Hiçbir şey yemedim. Twee ontkenningen heffen elkaar in het Turks niet op. Na hiçbir staat het naamwoord in het enkelvoud (hiçbir öğrenci), en het naamvalsachtervoegsel komt op het laatste woord: kimseyi, hiçbir şeyden.

Patronen vergelijken
WoordVoorbeeldBetekenis
hiçHiç param yok.Ik heb helemaal geen geld.
hiçbirHiçbir kitap okumadım.Ik heb geen enkel boek gelezen.
kimseKimse gelmedi.Er is niemand gekomen.
hiçbir şeyHiçbir şey bilmiyorum.Ik weet niets.
hiçbir yerHiçbir yere gitmedim.Ik ben nergens heen gegaan.
hiçbiriHiçbiri gelmedi.Geen van hen is gekomen.

Voorbeelden

  • Bugün kimse gelmedi.Vandaag is er niemand gekomen.De ontkenning zit in het werkwoord gelmedi; kimse noemt alleen de persoon. Met geldi zou de zin fout zijn.
  • Buzdolabında hiçbir şey yok.Er is niets in de koelkast.Yok is al de ontkennende tegenhanger van var, dus er komt geen -me- bij: hiçbir şey yok.
  • Ben hiçbir şey yemedim.Ik heb niets gegeten.
  • Sınıfta hiçbir öğrenci konuşmadı.In de klas heeft geen enkele leerling gesproken.Na hiçbir staat het zelfstandig naamwoord in het enkelvoud: öğrenci, niet öğrenciler, al zijn meerdere leerlingen bedoeld.
  • Hiç param yok.Ik heb helemaal geen geld.
  • Ben İzmir'e hiç gitmedim.Ik ben nog nooit in İzmir geweest.Hiç met een ontkennend werkwoord betekent „nooit”; de bestemming krijgt nog steeds de datief met apostrof: İzmir'e.
  • Kimseyi görmedim.Ik heb niemand gezien.Kimse eindigt op een klinker, dus voor het naamvalsachtervoegsel komt een y: kimseyi (lijdend voorwerp), kimseye (aan).
  • Kimseye söylemedim.Ik heb het aan niemand verteld.
  • Hiçbir şeyden korkmuyorum.Ik ben nergens bang voor.Het naamvalsachtervoegsel komt op het laatste woord: şeyden. Hiçbir verandert niet, en korkmak vraagt om -den.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Laat het werkwoord niet bevestigend: in het Nederlands kan „niemand kwam” met een bevestigend werkwoord, maar Kimse geldi en Hiçbir şey yedim zijn fout, want kimse alleen ontkent niet. Let ook op het getal: hiçbir öğrenciler is fout, het moet hiçbir öğrenci zijn.

Probeer het zelf

  1. Maak het werkwoord ontkennend: vandaag is er niemand gekomen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gelmedi

    gelmedi: kimse noemt alleen de persoon, dus de ontkenning moet uit het werkwoord komen: gel- krijgt -me- en het verleden-tijdsachtervoegsel -di.

  2. Gebruik de ontkennende onvoltooid tegenwoordige tijd voor ik: ik begrijp niets.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    anlamıyorum

    anlamıyorum: hiçbir şey vraagt om een ontkennend werkwoord; vóór -yor wordt de ontkenning -ma- gesloten tot -mı-, en -um staat voor „ik”.

  3. Voeg aan kimse het achtervoegsel van het lijdend voorwerp toe: ik heb niemand gezien.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kimseyi

    kimseyi: kimse eindigt op een klinker, dus voor de accusatief komt een y, en de voorklinker e geeft -i.

  4. Voeg aan kimse de datief toe: ik heb het aan niemand verteld.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    kimseye

    kimseye: hetzelfde principe, een y na de klinker en -e na een voorklinker, want nu wordt degene genoemd aan wie je iets zegt.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie ware zinnen over je week met kimse, hiçbir şey en hiç. Controleer dat het werkwoord in elke zin ontkennend is.