Je bouwt vormen als gitmemeliyim en okumamalısınız om te zeggen wat jij of anderen niet moeten doen, en ziet waarom dat iets anders is dan niet hoeven.

Het idee

Zet -me (na e i ö ü) of -ma (na a ı o u) achter de werkwoordsstam, dan het passende -meli of -malı, dan de persoonsuitgang: gel-me-meli-yim, oku-ma-malı-sınız. Na -meli zijn de uitgangen -yim -sin -∅ -yiz -siniz -ler, na -malı zijn ze -yım -sın -∅ -yız -sınız -lar; hij, zij en het hebben er geen.

Patronen vergelijken
PersoonNa e i ö üVoorbeeldNa a ı o uVoorbeeld
ben-memeliyimgelmemeliyim-mamalıyımokumamalıyım
sen-memelisingelmemelisin-mamalısınokumamalısın
o-memeligelmemeli-mamalıokumamalı
biz-memeliyizgelmemeliyiz-mamalıyızokumamalıyız
siz-memelisinizgelmemelisiniz-mamalısınızokumamalısınız
onlar-memelilergelmemeliler-mamalılarokumamalılar

Voorbeelden

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Nederlands „je hoeft niet” is niet -memeli. Gelmemelisin betekent dat je niet moet komen of niet mag komen; niet hoeven te komen zeg je anders, met gelmek zorunda değilsin, dat boven dit niveau ligt. Houd ook de volgorde aan: eerst de ontkenning, nooit gelmeli değilsin voor een verbod.

Probeer het zelf

  1. Zeg dat jij niet mag komen: gel (komen).

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gelmemelisin

    gelmemelisin: de stam gel heeft de voorklinker e, dus -me en -meli; -sin staat voor jij.

  2. Zeg dat hij, zij of het dit niet mag doen: yap (doen, maken).

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yapmamalı

    yapmamalı: de laatste klinker van yap is a, dus -ma en -malı; bij hij, zij en het volgt geen persoonsuitgang.

  3. Zeg dat wij niet mogen lezen: oku (lezen).

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    okumamalıyız

    okumamalıyız: de laatste klinker u is een achterklinker, dus -mamalı; omdat het woord op een klinker eindigt, heeft de uitgang een tussen-y nodig: -yız.

  4. Zeg dat ik het niet had moeten nemen, met het verleden -ydı: al (nemen).

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    almamalıydım

    almamalıydım: -ydı na -malı zet de gedachte in het verleden (had niet moeten), met een tussen-y, en -m staat voor ik.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie regels voor een studentenhuis of klaslokaal, één met ben, één met biz en één over kinderen, en markeer in elk het paar -me/-ma en -meli/-malı.