Met dökmek kun je een kookstap of een ongelukje beschrijven. Je leert de vormen, noemt wat je giet en zegt waar het terechtkomt. Ook losse ingrediënten zoals bloem en suiker passen bij dit werkwoord.

Het idee

Het materiaal is het lijdend voorwerp van dökmek: sosu verwijst naar de specifieke saus. De bestemming krijgt de datief: makarnaya, over de pasta. De context of yanlışlıkla (per ongeluk) maakt duidelijk of je giet of morst. De stam dök- houdt zijn k: döküyorum, dökeceğim. De verleden vorm is döktüm; de aoristus is dökerim.

Patronen vergelijken
PersoonDuurvormVerleden tijdToekomende tijdAoristusOntkennende duurvorm
bendöküyorumdöktümdökeceğimdökerimdökmüyorum
sendöküyorsundöktündökeceksindökersindökmüyorsun
odöküyordöktüdökecekdökerdökmüyor
bizdöküyoruzdöktükdökeceğizdökerizdökmüyoruz
sizdöküyorsunuzdöktünüzdökeceksinizdökersinizdökmüyorsunuz
onlardöküyorlardöktülerdökeceklerdökerlerdökmüyorlar

Voorbeelden

  • Ben sosu makarnaya döküyorum.Ik giet de saus over de pasta.
  • Çocuk suyu yanlışlıkla yere döktü.Het kind morste per ongeluk het water op de vloer.
  • Biz unu kaba dökeceğiz.Wij zullen de bloem in de kom gieten.
  • Sosu en son dökerim.Ik giet de saus er als laatste overheen.
  • Şekeri yere dökme!Mors de suiker niet op de vloer!
  • Çorbayı masaya dökmedim.Ik heb de soep niet op tafel gemorst.
  • Lütfen sütü bu kaba dökün.Giet de melk alstublieft in deze kom.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Ga er niet van uit dat dökmek altijd een ongelukje beschrijft. Sosu makarnaya dök is een gewone kookinstructie. Houd ook de twee letters k uit elkaar: in dökeceğim verandert alleen de laatste k van de toekomstuitgang -ecek in ğ. De ontkennende duurvorm is dökmüyorum.

Probeer het zelf

  1. Vul de duurvorm in de eerste persoon enkelvoud in: ik giet nu de saus over de pasta.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    döküyorum

    döküyorum: şu anda plaatst de handeling in het nu en ben vraagt om de eerste persoon. Door de ronde klinker ö komt er ü vóór -yor; de k van de stam blijft staan.

  2. Gebruik de bepaalde verleden tijd, eerste persoon enkelvoud: gisteren morste ik per ongeluk het water op de vloer.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    döktüm

    döktüm: dün plaatst het morsen op gisteren. Na de stemloze k begint de verleden uitgang met t, en de laatste m duidt de spreker aan. Yanlışlıkla maakt duidelijk dat het per ongeluk gebeurde.

  3. Gebruik de toekomende tijd, eerste persoon enkelvoud: ik zal zo de bloem in de kom gieten.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    dökeceğim

    dökeceğim: birazdan en de gevraagde toekomstvorm geven een plan aan. Begin bij dökecek: vóór de klinker van de persoonsuitgang wordt de laatste k een ğ. De stam blijft dök-.

  4. Geef een beleefde instructie met de gebiedende wijs voor meervoud of formele aanspreking: giet de melk in deze kom.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    dökün / dökünüz

    dökün / dökünüz: beide vormen horen bij siz, voor meerdere personen of één persoon die je beleefd aanspreekt. De langere vorm klinkt formeler; alleen dök zou een informele opdracht aan één persoon zijn.

Gebruik het vandaag

Schrijf een kookinstructie en een zin over morsen met yanlışlıkla. Noem in beide het materiaal en de bestemming. Zet daarna een zin in de ikvorm van het verleden naar de toekomst; ga verder met doldurmak om het vullen van een kom te oefenen.