Je vervoegt yüzmek (zwemmen) in de onvoltooid tegenwoordige tijd, de ontkenning, het verleden en de toekomst, en zegt waar of waarheen je zwemt.

Het idee

De stam yüz- eindigt op de medeklinker z en bevat de voorste afgeronde klinker ü, dus de uitgangen ronden mee af: yüzüyorum, yüzmüyorum, yüzdüm. Omdat z stemhebbend is, begint het verleden met d. De toekomende tijd -ecek heeft geen afgeronde vorm, en zijn k wordt voor een klinker ğ: yüzecek, yüzeceğim. De plaats waar je zwemt krijgt -de/-da: denizde, havuzda; de richting krijgt -e/-a: kıyıya.

Patronen vergelijken
PersoonTegenwoordigOntkennendVerledenToekomend
benyüzüyorumyüzmüyorumyüzdümyüzeceğim
senyüzüyorsunyüzmüyorsunyüzdünyüzeceksin
oyüzüyoryüzmüyoryüzdüyüzecek
bizyüzüyoruzyüzmüyoruzyüzdükyüzeceğiz
sizyüzüyorsunuzyüzmüyorsunuzyüzdünüzyüzeceksiniz
onlaryüzüyorlaryüzmüyorlaryüzdüleryüzecekler

Voorbeelden

  • Ben denizde yüzüyorum.Ik zwem in de zee.De plaats waar je zwemt krijgt -de/-da: deniz + de wordt denizde, met -de omdat de laatste klinker voor is en z stemhebbend. Het voornaamwoord ben mag wegvallen: Denizde yüzüyorum.
  • Annem iyi yüzüyor.Mijn moeder zwemt goed.
  • Biz dün havuzda yüzdük.Gisteren hebben we in het zwembad gezwommen.
  • Hafta sonu yüzeceğiz.In het weekend gaan we zwemmen.De stam eindigt op een medeklinker, dus -ecek sluit er direct op aan: yüz-ecek. Voor de klinker van -iz wordt zijn k een ğ: yüzeceğiz. Hafta sonu (weekend) heeft hier geen uitgang nodig.
  • Çocuklar karşı kıyıya yüzdü.De kinderen zwommen naar de overkant.De richting krijgt -e/-a: kıyı + tussenklank y + a wordt kıyıya. Vergelijk kıyıda (aan de oever), dat de plaats noemt en niet de richting.
  • Bugün yüzmedim, çünkü deniz soğuktu.Vandaag heb ik niet gezwommen, want de zee was koud.
  • yüzmüyorumIk zwem niet.yüzmüyor-miyor / -mıyor / -muyor / -müyor: niet doenum-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
  • yüzdünüzJullie zwommen.yüzdü-di, -dı, -du, -dü, -ti: de verleden tijd (geldi, yaptı)nüzPersoonsuitgangen van de verleden tijd: -m, -n, -k, -niz, -lerDe stam eindigt op de stemhebbende z, dus het verleden is -dü (niet -tü): yüz-dü-nüz. De klinker ü rondt zowel de tijdsuitgang als de persoonsuitgang af.

Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.

Let op

Zet geen -e/-a achter de plaats waar je zwemt: denize yüzüyorum betekent dat je naar de zee toe zwemt, niet dat je erin zwemt. Zeg denizde yüzüyorum. Verwar het werkwoord ook niet met het zelfstandig naamwoord yüz (gezicht; honderd): yüzüm is mijn gezicht, yüzüyorum is ik zwem.

Probeer het zelf

  1. Onvoltooid tegenwoordig: Ik zwem nu.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yüzüyorum

    yüzüyorum: de laatste klinker van yüz- is ü, dus de onvoltooid tegenwoordige tijd krijgt -üyor, gevolgd door -um voor „ik“.

  2. Verleden tijd: Gisteren zwommen ze.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yüzdüler

    yüzdüler: z is stemhebbend, dus het verleden begint met d, en ü rondt het af tot -dü; -ler staat voor „zij“.

  3. Voeg de uitgang toe: Ik zwem in het meer.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    gölde

    gölde: het zwemmen gebeurt in het meer, dus komt de locatief; l is stemhebbend en ö is voor, dus -de.

  4. Toekomende tijd: Morgen ga ik zwemmen.

    Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord

    yüzeceğim

    yüzeceğim: -ecek wordt niet afgerond, dus de klinker is e, en zijn k wordt ğ voor de klinker van -im.

Gebruik het vandaag

Schrijf drie zinnen over zwemmen, één in elke tijd, en zet -de/-da achter elke plaats waar je zwemt.