Je gebruikt bulmak om te zeggen wat je vindt en wat je van iets vindt, in de tegenwoordige, de verleden en de toekomende tijd.
Het idee
Bulmak betekent vinden: iets tegenkomen, vinden wat je zocht of iets beoordelen (filmi güzel buldum, „ik vond de film goed”). De stam bul- heeft de achterste ronde klinker u. De uitgangen -ıyor en -dı hebben vier vormen naargelang de laatste klinker en worden daarom -uyor en -du: buluyorum, buldum. De uitgang van de toekomende tijd heeft maar twee vormen, hier -acak: bulacağım, en de k wordt voor een klinker ğ. Een bepaald ding dat je vindt staat in de accusatief: anahtarımı buldum.
| Persoon | Tegenwoordig | Verleden | Toekomend |
|---|---|---|---|
| ben | buluyorum | buldum | bulacağım |
| sen | buluyorsun | buldun | bulacaksın |
| o | buluyor | buldu | bulacak |
| biz | buluyoruz | bulduk | bulacağız |
| siz | buluyorsunuz | buldunuz | bulacaksınız |
| onlar | buluyorlar | buldular | bulacaklar |
Voorbeelden
- Anahtarımı sonunda buldum.Ik heb mijn sleutel eindelijk gevonden.Een bepaald ding dat je vindt staat in de accusatief: anahtarım + ı wordt anahtarımı. Het voornaamwoord ben valt weg.
- Çocuklar bahçede bir kedi buldu.De kinderen hebben een kat in de tuin gevonden.Bir kedi is gewoon „een kat”, dus meestal geen accusatief: bir kedi buldu. Bir kediyi zou naar een bepaalde kat verwijzen.
- Yarın yeni bir ev bulacağız.Morgen vinden we een nieuw huis.De k van -acak wordt ğ voor de klinker van -ız: bulacağız, maar bulacaksınız houdt de k.
- Bu filmi çok güzel buldum.Ik vond deze film heel goed.Met een bijvoeglijk naamwoord betekent bulmak „vinden” in de zin van beoordelen: çok güzel buldum is een oordeel, geen ontdekking. De film staat in de accusatief omdat hij bepaald is.
- Çantamı her yerde aradım ama bulamadım.Ik heb overal naar mijn tas gezocht, maar ik kon hem niet vinden.Aradım is het zoeken en bulamadım het mislukte resultaat: bul + ama („niet kunnen”) + dı + m. De vorm met -ama ligt boven dit niveau en toont hier alleen het contrast.
- buluyorlarze vindenbuluyor-iyor / -ıyor / -uyor / -üyor: nu beziglarHet meervoud -ler / -lar: vorm en plaats
- bulmadımik heb het niet gevondenbulmadı-medi / -madı: de ontkennende verleden tijdmPersoonsuitgangen van de verleden tijd: -m, -n, -k, -niz, -ler
Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.
Er is geen Turkse stem op je apparaat beschikbaar. Je kunt de tekst nog steeds lezen.
Let op
Bulmak is het resultaat, niet het zoeken. Wie wil zeggen dat hij iets zoekt, heeft aramak nodig: anahtarımı arıyorum. Anahtarımı buluyorum betekent dat je de sleutel nu net vindt, niet dat je hem zoekt.
Probeer het zelf
Zet bulmak in de toekomende tijd voor ben: Morgen vind ik mijn sleutel.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
bulacağım
bulacağım: de stam bul- heeft een achterste klinker, dus de uitgang van de toekomende tijd is -acak, en de k wordt ğ voor -ım, dat met een klinker begint.
Zet bulmak in de verleden tijd voor biz: Gisteren hebben we de portemonnee gevonden.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
bulduk
bulduk: de stam eindigt op de stemhebbende l, dus de uitgang van het verleden begint met d; de u is rond, dus -du, en -k betekent „wij”.
Zet bulmak in de tegenwoordige tijd voor sen: Je vindt nu je telefoon.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
buluyorsun
buluyorsun: de stam eindigt op een medeklinker, dus -uyor sluit er direct op aan, met u omdat de stamklinker u is; -sun betekent „jij”.
Zet bulmak in de ontkennende verleden tijd voor o: Mijn moeder heeft het boek niet gevonden.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
bulmadı
bulmadı: de ontkenning -ma staat voor het verleden -dı; de derde persoon heeft geen persoonsuitgang nodig.
Oefenronde
Beantwoord vragen en zet waar mogelijk Turkse zinnen en woorden weer in elkaar. We bewaren je score.
Zet bulmak in de toekomende tijd voor ben: Morgen vind ik mijn sleutel.
Zet bulmak in de verleden tijd voor biz: Gisteren hebben we de portemonnee gevonden.
Zet bulmak in de tegenwoordige tijd voor sen: Je vindt nu je telefoon.
Zet bulmak in de ontkennende verleden tijd voor o: Mijn moeder heeft het boek niet gevonden.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: ze vinden
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: ik heb het niet gevonden
Bewaar je voortgang
Maak gratis een account aan om je oefenresultaten daarin op te slaan.
Account maken en opslaanIk heb al een accountGebruik het vandaag
Schrijf drie zinnen over iets wat je kwijt was: wat je zoekt (aramak), wat je hebt gevonden (bulmak) en wat je morgen zult vinden.

