Je vervoegt bilmek in drie vormen, zegt wat je wel en niet weet en kiest tanımak als het om een persoon gaat.
Het idee
Bilmek betekent iets weten of kunnen: cevabı biliyorum, yüzmeyi biliyorum, Almanca biliyorum. De stam bil- eindigt op een medeklinker, dus de tegenwoordige tijd krijgt de volle -iyor: biliyorum. Ontkennend is het bilmiyorum, verleden bildim, ontkennend verleden bilmedim.
| Persoon | Tegenwoordig | Verleden | Ontkennend tegenwoordig | Ontkennend verleden |
|---|---|---|---|---|
| ben | biliyorum | bildim | bilmiyorum | bilmedim |
| sen | biliyorsun | bildin | bilmiyorsun | bilmedin |
| o | biliyor | bildi | bilmiyor | bilmedi |
| biz | biliyoruz | bildik | bilmiyoruz | bilmedik |
| siz | biliyorsunuz | bildiniz | bilmiyorsunuz | bilmediniz |
| onlar | biliyorlar | bildiler | bilmiyorlar | bilmediler |
Voorbeelden
- Ben cevabı biliyorum.Ik ken het antwoord.
- Sen onun adını biliyor musun?Weet jij zijn naam?Het voornaamwoord sen mag wegvallen, en mi wordt los geschreven: Onun adını biliyor musun? De naam is het lijdend voorwerp en staat dus in de accusatief: adını.
- Annem üç dil biliyor.Mijn moeder spreekt drie talen.Bij een onbepaald voorwerp zoals dil laat je de accusatief weg: üç dil biliyor.
- Ben o soruyu bilmedim.Ik wist die vraag niet.In de verleden tijd zegt bilmedim dat je het antwoord op dat moment niet paraat had, zoals bij een examenvraag. De stam bil- blijft en -me- komt voor -di.
- Ben yüzmeyi biliyorum.Ik kan zwemmen.Om te zeggen dat je iets kunt, gebruik je het werkwoord als zelfstandig naamwoord op -me met de accusatief: yüz-me-yi. De y scheidt de twee klinkers.
- Ayşe'yi tanıyorum ama adresini bilmiyorum.Ik ken Ayşe, maar haar adres weet ik niet.Tanımak gebruik je voor iemand die je ontmoet hebt, bilmek voor een feit zoals een adres. De apostrof scheidt de naam van -yi.
- biliyorumik weetbiliyor-iyor / -ıyor / -uyor / -üyor: nu bezigum-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
- bilmiyorumik weet nietbilmiyor-miyor / -mıyor / -muyor / -müyor: niet doenum-im / -sin / -iz / -siniz: ik ben, je bent, wij zijn
- bildikwij wistenbildi-di, -dı, -du, -dü, -ti: de verleden tijd (geldi, yaptı)kPersoonsuitgangen van de verleden tijd: -m, -n, -k, -niz, -ler
Voorlezen gebruikt een synthetische Turkse stem op je apparaat. Kwaliteit en beschikbaarheid verschillen; je uitspraak wordt niet beoordeeld.
Er is geen Turkse stem op je apparaat beschikbaar. Je kunt de tekst nog steeds lezen.
Let op
Nederlands „kennen” past bij mensen én bij antwoorden, dus leerlingen zeggen gauw Ayşe'yi biliyorum voor „ik ken Ayşe”. In het Turks klinkt dat alsof je feiten over haar weet. Voor iemand die je ontmoet hebt gebruik je tanımak: Ayşe'yi tanıyorum.
Probeer het zelf
Ik weet het antwoord. Zet bilmek (weten) in de duurvorm van de tegenwoordige tijd.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
biliyorum
biliyorum: de stam bil- eindigt op een medeklinker, dus de volle -iyor volgt, en -um wijst op ben.
Je kent het adres niet. Zet bilmek (weten) in de ontkennende tegenwoordige tijd.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
bilmiyorsun
bilmiyorsun: de ontkenning -mi- staat direct achter de stam en voor -yor, en -sun wijst op sen: bil-miyor-sun.
Ik ken Deniz persoonlijk. Kies het werkwoord dat bij een persoon past.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
tanıyorum
tanıyorum: Deniz is iemand die je ontmoet hebt, dus het werkwoord is tanımak. De stam eindigt op de klinker ı, dus alleen -yor-um volgt.
De leerling wist de vraag niet. Zet bilmek (weten) in de ontkennende verleden tijd.
Toon het antwoord of een voorbeeldantwoord
bilmedi
bilmedi: de ontkenning -me- staat voor de verleden tijd -di, en de vorm voor o heeft geen persoonsuitgang: bil-me-di.
Oefenronde
Beantwoord vragen en zet waar mogelijk Turkse zinnen en woorden weer in elkaar. We bewaren je score.
Ik weet het antwoord. Zet bilmek (weten) in de duurvorm van de tegenwoordige tijd.
Je kent het adres niet. Zet bilmek (weten) in de ontkennende tegenwoordige tijd.
Ik ken Deniz persoonlijk. Kies het werkwoord dat bij een persoon past.
De leerling wist de vraag niet. Zet bilmek (weten) in de ontkennende verleden tijd.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de woorden in de juiste volgorde aan.
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: ik weet
Tik de delen in de juiste volgorde aan om dit woord te maken: ik weet niet
Bewaar je voortgang
Maak gratis een account aan om je oefenresultaten daarin op te slaan.
Account maken en opslaanIk heb al een accountGebruik het vandaag
Schrijf vijf zinnen: twee feiten die je weet, een vaardigheid, een persoon die je kent en iets wat je niet weet. Controleer welk werkwoord elke zin nodig heeft.

